De Veenfabriek en O K A P I verbreden De Stijl

0

Is (ieder) geluid muziek? En, wat is de essentie daarvan? Daarover brengt De Veenfabriek in samenwerking met O K A P I een (gratis toegankelijke) voorstelling in de Leidse Stadsgehoorzaal. Het zijn de vragen waarmee de schilder Van Doesburg worstelde. Het zijn ook vragen die passen in een groter geheel: de visie van de De Stijlkunstenaars op de werkelijkheid, op natuur en samenleving, op waarheid. Met Piet Mondriaan #2 – De Bar zetten De Veenfabriek en O K A P I een fascinerende voorstelling neer over Mondriaan, muziek en z’n invloed. Want De Stijl en Mondriaan zijn meer dan primaire kleuren en rechthoekige vlakken.

Promenoir
Misschien wel één van de frappantste momenten in de voorstelling, is het moment dat je je realiseert dat je midden ín de voorstelling staat en er ook achter je een en ander plaats vindt. In de loop van de voorstelling ben je er blijkbaar aan gewoon geworden rond te lopen tussen de spelers en muzikanten. Er is wel een klein aantal rijen stoelen, maat de spelers nodigen je nadrukkelijk uit je tussen hen in te begeven. Per slot van rekening is het een bar, zij het een zonder drank, zonder bar, en zonder personeel. Het zóu Mondriaans promenoir kunnen zijn: een plek waar met hoekige bewegingen op “neoplastische” gedanst kan worden. Hij maakte het zelf niet mee.

Keuze
De Breezaal past de voorstelling als een handschoen. Zo’n vijftig bezoekers kunnen er in. De spelers nemen viervijfde van de oppervlakte, waardoor er meteen zo veel ruimte ontstaat dat je overal kunt kijken. En wie de vijf kwartier niet staande wil doen: er is voldoende zitgelegenheid.

Muziek
In de voorstelling zit een dialoog tussen een schilder en een zanger, geschreven voor Mondriaan, die veel duidelijk maakt over zijn ziens- en luisterwijze: “Het onderwerp, de voorstelling noch de natuur doet in schilderkunst schoonheid ontstaan; zij bepalen slechts den aard van schoonheid…” waarop de muzikant reageert “(..) niet door enkel kleur en lijn. Zoo waardeer ik ook niet klanken zonder melodie (…)”. En toch is precies dat waartoe de voorstelling uitdaagt. Wát hoor je eigenlijk? Als twaalf platenspelers tegelijkertijd dezelfde plaat (Janssens On the line, op 45 toeren) starten, dan ontstaat er voor de één “takkeherrie” maar op den duur ook eenheid, ontstaat er iets nieuws.

Danseressen
Er zijn danseressen. Ze zwieren als dansende derwisjen in het rond. Eigenlijk zijn het vier geruisloze wasstraatborstels, maar dan met laagjes heel soepele draden. Het effect is dat van elegantie. De ‘jurken’ waaien uit, trekken samen. Omdat ze op verschillende plaatsen kunnen uitwaaieren, is het net of je naar een spraakweergave op een geluidmengtafel kijkt. Het danst.

Apparaten
De voorstelling is zeker de moeite waard. Natuurlijk zijn er wonderlijke machines als de Intonarumori – “ontworpen door de futurist Russolo” vertelt Ton van der Meer – of de enorme sirene, de tollen en de elektronische weerstanden. Maar terwijl je naar die apparaten en (be)spelers kijkt, valt je plots op dat je muzíek hoort; afkomstig uit apparaten die toch alleen maar ‘herrie’ kunnen maken?! De variatie is groot. Er is ook heel klein en ingetogen gespeelde dansmuziek, melodieus. Er is een lezinkje over kleuren. Er wordt gedanst, en er wordt gezongen. Het is een bar.

Wanneer
Voor wie jazz al een brug te ver is, is deze voorstelling mogelijk minder geschikt. Maar u kunt, stilletjes, ook gewoon weg uit de bar, hoor. Tijdens Signature Festival is de voorstelling twee keer per dag te zien, om 12.00 en om 15.00 uur. Een herkansing is ook mogelijk. Deze week, dinsdag 6 tot en met vrijdag 9 juni, is de voorstelling nog te zien in het Haags Gemeentemuseum, om 13.00 en 15.00 uur, maar vrijdag alleen om 12.00 uur.

Delen

Reageren is niet (meer) mogelijk.

Deze site gebruikt cookies. Lees meer over onze cookies.