Moslimjongeren zijn vooroordelen zat

Turkse en Marokkaanse jongeren worden moe van het negatieve beeld en de onwetendheid van autochtonen over de islam. Ook zijn ze het zat om zich steeds te moeten verantwoorden over hun religie en hun afkomst. Zelf hebben de moslimjongeren overigens ook niet bepaald een positief beeld over Nederlandse leeftijdgenoten maar ze stellen zich wel tolerant op, vinden ze zelf. Dat schrijft De Telegraaf. Het is een van de bevindingen die naar voren komt in het onderzoek ‘Van Allah tot Prada’, over de identiteit, leefstijl en geloofsbeleving van Turkse en Marokkaanse jongeren tussen de 14 en 29 jaar in Amsterdam en Leiden.

Rode draad in het onderzoek is dat er geen rode draad is. Jonge moslims zijn geen homogene groep, want ze variëren enorm in gedrag, houding, identiteit, opleiding, geloofsbeleving en toekomstverwachtingen. Niet alleen tussen jonge Turken en Marokkanen is er een grote verscheidenheid maar ook binnen de twee etnische groepen zelf. Generalisaties zijn niet te vermijden: zo zouden Turken doeners zijn en Marokkanen dromers en ook hebben jongens een negatiever en minder realistisch toekomstbeeld dan meisjes.

Voor een flink deel komen de ervaringen overeen met die van autochtone jongeren: vmbo’ers zijn onbestemder over hun toekomst dan hun leeftijdgenoten op havo en vwo. Ook is het logisch dat voor velen de zekerheid toeneemt zodra ze ouder worden. Tegelijk zijn er bekende verschillen zoals het belang van de maagdelijkheid voor moslimmeisjes, de sociale druk bij de partnerkeuze en de loyaliteit naar de ouders en familie. Dit is voor autochtone jongeren veel minder of helemaal niet aan de orde.

Internet wordt steeds belangrijker in het leven van moslimjongeren. Daarbij trekken niet radicale islamitische teksten de aandacht maar vooral de andere sekse. Vooral voor moslimmeisjes is dit een manier om hun sociale isolement te verkleinen en (virtuele) contacten te leggen.

Verder blijkt dat jonge Turken en Marokkanen vaak hun eigen groep opzoeken in hun vrije tijd, ook al kennen ze autochtonen. Tegelijk zijn jonge moslims met een gemengde vriendenkring het meest tolerant. Andersom geldt dat jeugdigen op een islamitische school, die bijna niet in contact komen met andersgestemden, het minst tolerant zijn tegenover niet-islamitische leeftijdgenoten.

Het geloof is bijna altijd belangrijk voor de identiteit, maar daarin speelt de moskee geen belangrijke rol. Vooral jongens gaan naar de moskee, maar vaak alleen om de gezelligheid. Problemen worden niet met de imam aangekaart maar eerder met vrienden. De onderzoekers vragen zich sterk af of meer jongeren de moskee zouden bezoeken als de preek in het Nederlands zou worden gehouden.

Overigens geven vrijwel alle jongeren aan dat zij in Nederland willen blijven, ondanks het toegenomen onbehagen sinds september 2001 en nog sterker na de moord op Theo van Gogh eind 2004. Het woord integratie kunnen ze niet meer aanhoren. Moslimjongeren willen gewoon hun ding doen en hun eigen leven leiden, net als anderen.

Om enige lijn aan te brengen, hebben de onderzoekers de moslims verdeeld in drie clusters van jeugdigen, studenten en jongvolwassenen. Tegelijk zijn vijf typeringen bedacht die door de leeftijdsgroepen heen lopen: neo-orthodoxen (die uitgaan van de kracht van geloof en carrière), conformisten (de veiligheid van geloof en traditie), escapisten (vluchtig en perspectiefloos), flexibelen (genot zonder conflict) en hedonisten (vrijheid en genot).

Voor het onderzoek zijn negentien sleutelfiguren ondervraagd die van binnenuit inzicht hebben in 21 jongerennetwerken uit Amsterdam en Leiden. In totaal zijn daardoor ongeveer 1250 moslimjongeren vertegenwoordigd in de studie. Forum wil het onderzoek later uitbreiden met andere etnische groepen uit meer delen van Nederland.

Leiden


Studio
Middelstegracht 87A
2312 TT Leiden

E-mail
redactie@sleutelstad.nl

Telefoon
071 - 5235907

Whatsapp
06 - 16811160

×