
Na het huishouden van Jan Steen kiest Museum De Lakenhal nu voor ‘Tuin der lusten’. De nieuwe tentoonstelling neemt de bezoeker weer mee naar de zeventiende eeuw. Bloemen werden niet alleen geschilderd vanwege hun schoonheid, maar stonden ook symbool voor rijkdom, wetenschap, verlangen en vergankelijkheid.
‘Tuin der lusten’, met meer dan driehonderd kunstwerken en objecten uit de collectie van de Antwerpse kunststichting ‘The Phoebus Foundation’, toont topstukken van Jan Brueghel de Oude, Clara Peeters, Anna Maria Janssens en Jan Davidsz. De Heem. Schilderijen van weelderige boeketten en peperdure tulpen, maar ook van krioelende insecten en wonderlijke rariteiten.
Wat begint als een ode aan de schepping, ontvouwt zich gaandeweg tot een verhaal over nieuwsgierigheid, handel, experiment en menselijke verlangens. Een van de blikvangers van de tentoonstelling is de wonderkamer, geïnspireerd op zestiende-eeuwse rariteitenkabinetten waarin natuurhistorische objecten, curiosa en kunst samenkwamen.
Blokkendoos
Dankzij de scenografie van de Antwerpse modeontwerper Walter Van Beirendonck is een samenspel ontstaan tussen zeventiende-eeuwse kunst en hedendaagse mode en vormgeving. De door Van Beirendonck ontworpen vormgeving zorgde wel voor enige opschudding in het museum. “Ik had in de voorbereiding van de tentoonstelling een blokkendoos naar het museum meegenomen om te illustreren op welke wijze ik de expositieruimte wilde inrichten, met onder andere monumentale geometrische vormen” zegt Van Beirendonck. “En ik wilde mannequinpoppen opstellen met ontwerpen van couturiers Viktor&Rolf, Dries Van Noten, Comme des Garçons, Richard Quinn, Dirk Van Saene en mijzelf.”
Van Beirendonck kreeg veel vrijheid van het museum om de expositieruimte zo in te richten als hij voor ogen had. “De modecreaties komen overigens niet uit museale collecties, maar rechtstreeks van de ontwerpers. Daarom kan ik ze tonen zoals ik dat zelf wilde, zonder de voorwaarden die musea veelal aan een uitleen stellen. De poppen staan daarom vrij in de ruimte, zonder hekjes of iets dergelijks eromheen.”
Vlindervleugels
Veel van de bloemstillevens werden materiaal-technisch onderzocht door Sven Van Dorst, hoofd van het restauratieatelier van The Phoebus Foundation. Dat onderzoek leverde opmerkelijke ontdekkingen op. Zo ontdekte Van Dorst met behulp van moderne technieken verborgen composities onder verflagen. “Ik vond ook geschilderde insecten waarin echte vlindervleugels zijn verwerkt en ik ontdekte vernieuwende schildertechnieken die pas eeuwen later volledig zichtbaar werden. Het resultaat van mijn onderzoek is niet alleen te vinden in de tentoonstelling, maar ook in de bijbehorende publicatie Zeven anjers, zeven rozen. De kunst van bloemschilderen in de Lage Landen (1600-1700).”
De tentoonstelling is samengesteld curator Katharina Van Cauteren, directeur van The Phoebus Foundation. Volgens Van Cauteren is een bezoek aan de tentoonstelling meer dan alleen kijken. “Met vogelgeluiden en natuurgeuren worden ook je oren en neus geprikkeld. Het is een totaalbeleving waarin de bezoeker wordt ondergedompeld.”
Spannend
Voor museumdirecteur Tanja Elstgeest was het nogal ongebruikelijk om zowel de samenstelling van de tentoonstelling als de inrichting van de expositieruimte over te laten aan Van Cauteren en Van Beirendonck. “Wij werken eigenlijk altijd met onze eigen curatoren, daarom vond ik het best spannend om het dan zo uit handen te geven. Maar het is gelukkig prachtig geworden.”
De tentoonstelling Tuin der lusten is te zien van 26 september 2026 t/m 29 maart 2027 in Museum De Lakenhal.



Sleutelstad
Middelstegracht 87A
2312 TT Leiden
E-mail
redactie@sleutelstad.nl
Telefoon Redactie
071 - 5235907