De toneelpremière van Crashtest Ibsen: Ik zie spoken in theater Ins Blau doet uitkijken naar meer. De serie Crashtest Ibsen door Moeremans&Sons bestaat uit vier delen, waarvan dit derde volgend jaar nogmaals in Leiden is te zien. (Foto: PR)

Moeremans&Sons sleurt Ibsen 2016 in, en hoe!

De beste conclusie die is te trekken uit de voorstelling Crashtest Ibsen: ik zie spoken is: koop als de wiedeweerga een kaartje, op 17 maart 2017 spelen ze nogmaals in Ins Blau. De zaalpremière* van de voorstelling in theater Ins Blau in Leiden leidde tot een staande ovatie van de uitverkochte zaal, en terecht. Nog voordat Ins Blau officieel was heropend – de nieuwe foyer lag er nog volop ‘in verbouwing’ bij – scoort het theater met een opvallende voorstelling.

Moeilijk wordt makkelijk
Ibsen heeft het imago één van die niet-eenvoudige toneelschrijvers te zijn; zware onderwerpen die nogal wat eisen van de kijker. Moeremans&Sons slaat dat beeld aan diggelen door de karakters uit Ibsens werk over zichzelf en hun rol te laten spreken en denken, door continue de verhaallijn te moderniseren met hedendaagse termen en jargon, en door diezelfde karakters geregeld hun positie en rol te laten uitleggen. Continue wordt de vierde wand, waarmee de kijker van het toneel wordt afgescheiden, aangetast en doorbroken doordat de kijker direct wordt aangesproken. Door een ‘spleet in de tijd’ waar doorheen het publiek lijkt te gluren, accentueert het toneelbeeld dat.

Vanuit 1881 kijken naar nu
Die aanpak eist nogal wat. Eén stap te ver en het spel wordt een klucht. Het getuigt van de kwaliteiten van de spelers, regisseur Sarah Moeremans én van schrijver Joachim Robbrecht dat dat nergens gebeurt. Natuurlijk wordt er geregeld gelachen. Het ís vervreemdend dialogen van 135 geleden te horen, doorspekt met modieuze hedendaagse termen. Al gauw dringt tot de toeschouwer door dat continue de vraag ‘is het zo geworden als Ibsen (en tijdgenoten) dachten?’ wordt gesteld

“Daar in 2016 zit je grote, blije familie op de tribune. Singles, ongehuwde koppels, alleenstaande moeders, vaders, homohuwelijken, abortussen, hondenliefhebbers en driehoeksverhoudingen (…) Een dobberend vlot onthechte zielen zie ik, in een poel van verderf.”

Uitgesproken door een dominee die z’n entree als volgt maakt:

“Godverdomme. Godverdomme. Die engelenpis. (…) Ja, Regina, ook de Heer moet tot bezinning worden geroepen bij dergelijk noodweer! En bovendien wil ik hier bij mijn eerste entree meteen de schijn opwekken niet van het oubollige slag te zijn. Dat begrijp je. Anders sta ik sowieso al één-nul achter in dit goddeloze tijdperk”.

Opstand tegen de schrijver
Het stuk staat bol van dit soort van nadenkers. Oubolligheid is meteen één-nul achter?! Geregeld verschuilen de karakters zich achter de schrijver “Ik mag niet van de auteur, Henrik Ibsen. Hij heeft een andere rol voor me weggelegd”, spreken soms héél modern “no way, (…) de carrièretijger in me staat natuurlijk open voor andere job-opportunities (…)”, maar parachuteren en passant ook nadenkertjes “Dat is in het algemeen ook zo ingewikkeld aan de mensheid, dat zij altijd dan spreekt wanneer zij de mond had moeten houden en, omgekeerd, zwijgt wanneer zij zou moeten praten” of revolteren tegen het verhaal “135 Jaar zet je elke opgevoerde avond mijn weeshuis in lichterlaaie, maar vandaag zal het anders gaan want ik ben namelijk verzekerd.”

Levensles
“Dit is het leven, Helene, een verhaal dat met houtjes en touwtjes aan elkaar is geknoopt”. Eén van de momenten waar de toeschouwer wordt gewezen op het onplanbare en ongrijpbare van het leven. Waar Ibsen, volgens Moeremans, “een schrijver was die foto’s van zijn tijd maakte met behulp van woorden” kleurt zij zijn ‘foto’s’ opnieuw in, voor een moderne kijker. Dat levert een fotoalbum op dat verrassend modern blijkt te kunnen zijn.

*De voorstelling was afgelopen zomer op Oerol voor het eerst te zien, zonder decor.

Cultuur Nieuws reportage


Studio
Middelstegracht 87A
2312 TT Leiden

E-mail
redactie@sleutelstad.nl

Telefoon
071 - 5235907

Whatsapp
06 - 16811160

×