Ook de vijfde dag van de Architectuurweek Leiden leverde een boeiende discussie op; over rol en inzet van architecten bij de oplossing van 'het vluchtelingenprobleem'. Een gesprek in De Leidse Lente, tegen een achtergrond van gedruis van glazen en bestek en gepraat. (Foto's: Jan van der Sluis)

Voor 'een vluchteling' bouw je niet

Waarom zouden we huisvestingsoplossingen realiseren voor statushouders? Het zijn toch gewoon mensen met een (tijdelijk) huisvestingsprobleem zoals we er meer hebben in Nederland? Categorieën als onge starters op de woningmarkt, mensen in een scheiding. Allemaal groepen die ook te maken hebben met een plots optredend huisvestingsprobleem. En waarom reageren we eigenlijk zo laat, rennen we achter de feiten aan? Kunnen we niet iets ontwikkelen waarmee snel en flexibel kan worden gereageerd op een plotselinge grote vraag naar huisvesting? Misschien is dat de belangrijkste conclusie die kan worden getrokken uit het driegesprek dat de vierde avond van de Architectuurweek Leiden vulde. In De Leidse Lente – “de huiskamer van de Leidse creatieven” – vond een boeiende discussie plaats over het vluchtelingen- en statushoudersvraagstuk plaats en over de wijze waarop designers en creatieven, bijvoorbeeld architecten, daarin een rol kunnen en willen spelen.

Gemeenten op verkeerde weg
Het is de BNA, met directeur Fred Schoorl als discussiant, die mogelijk het beste beeld heeft van de stand van zaken. Als dat zo is, is dat een beeld waarop in elk geval het etiket ‘moeizaam’ moet worden geplakt. Schoorl formuleerde het veel diplomatieker, maar gemeenten hebben moeite een oplossing te vinden voor het probleem dat zij hebben op te lossen. Een geïsoleerde aanpak van ‘het vluchtelingenprobleem’, zonder zich te realiseren dat flexibiliteit een sleutelwoord is voor de toekomst. Niet alleen de probleemgroepen eisen flexibele oplossingen. Dat geldt ook voor de voorspelde toenemende flexibiliteit van arbeidskrachten, waardoor meer verhuizingen kunnen ontstaan. Die nieuwe werkelijkheid botst; met politieke verhoudingen, met bestaande toezeggingen en beleidslijnen, met financiële middelen, met onervarenheid op nieuwe vakgebieden. Schoorl, die vindt dat “wij als BNA, als architecten iets moeten dóen in het oplossen van dit probleem”, is niet te benijden.

De wedstrijden
De vorm die wordt gekozen, is een beproefde. Er komt een wedstrijd. Sterker, donderdagavond werden er dríe gepresenteerd. Heel terecht stelde gespreksleider Jacqueline van de Sande “misschien zijn er niet drie, maar wel vijf wedstrijden over dit onderwerp. Hoe komen die tot elkaar?”. Niet. Dat is deels te verklaren uit de van elkaar afwijkende wedstrijdvragen. Waar BNA zich richt op het acute vraagstuk voor gemeenten en corporaties, zijn de andere twee veel vrijer. Dagan Cohen (what design can do) bijvoorbeeld richt zich tot de héle categorie ‘designers’, van grafisch vormgever tot architect. Rutger Oolbekking (Nederland wordt anders) zoekt voor COA oplossingen voor het onvoorziene karakter van een tijdelijke piek in de vraag naar opvang. Anderzijds is het op te lossen probleem zo veelvormig dat het niet in één keer vált op te lossen.

Complex vraagstuk
‘Vluchtelingen zijn mensen’: die zin viel in verschillende – soms ook onhandige – variaties te beluisteren. De kern van de drie heren was wel gelijk: behandel ze niet als een tijdelijk op te lossen probleem, maar zie ze als volwaardige inwoners. Die, voor overheden blijkbaar nieuwe, insteek opent nieuwe mogelijkheden en biedt verklaringen. “Niet alleen een dak, maar ook een thuis” (Schoorl) leidt tot de conclusie dat het veel logischer is kleinschalige, semi-permanente oplossingen te zoeken in plaats van paniekerige en vooral slechte tijdelijke. In dat opzicht week de gemeenschappelijke mening nogal af van het vigerend, leidend rijksbeleid van nadruk op tijdelijkheid en soberheid. Dat is een illusie, en nog fout ook. Het vluchtelingenprobleem is niet alleen een huisvestingsprobleem. Het gaat ook over sociale contacten, over verveling en niet mogen werken, over verkwiste kennis (van vluchtelingen) en de absurditeit van regelgeving.

Resultaten
Wat levert dit op? In elk geval een enorme berg aan ideeën. Het COA heeft 366 inzendingen, en 12 genomineerden; BNA zo’n 50 en 15 projecten; en The Refugee Challenge van What Design Can Do is net gestart, maar heeft ook al 120 inzendingen van over de hele wereld. Genoeg materiaal om mee te werken, en er wordt ook serieus nagedacht hoe ideeën om te zetten in werkende oplossingen. Realisatie en implementatie zijn meestal de momenten waarop ogenschijnlijk eensluidende ideeën plots tot uiteenlopende invullingen leiden. Donderdagavond, toen Cohen pleitte voor “laat dingen soms aan de markt over”. Een logische stap, maar die moet wel begrensd worden, vonden anderen.

De betrokkene zelf ontbrak
Frappant is dat ‘de vluchteling’ in het verhaal min of meer ontbrak. Er werd óver hen gesproken, over wat ze nodig hebben, over hoe ze moeten wonen, over welke kansen en vrijheden ze moeten hebben. En uiteraard zit in een standaard-ontwerpproces de verplichte aandacht voor de ‘end user’, voor wie alles is bedoeld, en zijn er ook projecten waarin (voormalige) vluchtelingen ook daadwerkelijk participeren. Maar toch blijft er een licht-wrange nasmaak: in hoeverre wordt het specifieke karakter van (oorlogs)vluchtelingen nog erkend als we ze gelijk(er) stellen aan beleidscategorieën als starters of scheidenden? Dat neemt niet weg dat de heren gelijk hebben met de ook gedane constatering dat dit vast niet de laatste crisis zal zijn en dat we ons beter moeten voorbereiden.

Leiden Reportage


Studio
Middelstegracht 87A
2312 TT Leiden

E-mail
redactie@sleutelstad.nl

Telefoon Redactie
071 - 5235907

×