Week van Toegankelijkheid: “Het moet normaal zijn dat wij meedoen”

1

In de Week van Toegankelijkheid staat de vraag centraal: hoe gemakkelijk kun je meedoen in de samenleving als je een beperking hebt. Bij toegankelijkheid van de stad lijkt het in eerste instantie vooral te gaan om fysieke toegang: kun je er met een rolstoel komen? Kun je zelfstandig je weg vinden als je blind of slechtziend bent of niet (goed) kunt horen? Maar er zijn ook mensen die last hebben van teveel prikkels, te grote mensenmassa’s en daarom bepaalde plekken en evenementen vermijden.

Stichting Lumen Holland Rijnland grijpt deze Week van de Toegankelijk aan om aandacht te vragen voor die groep mensen waarvan je de beperking niet ziet. Mensen met psychische of psychosociale problematiek, zoals onder andere depressiviteit en autisme, die last kunnen hebben van harde geluiden, felle lampen, knipperende lichtjes, grote mensenmassa’s, kortom teveel prikkels. En die vaak tegen een muur van onbegrip oplopen als ze dat kenbaar maken. Woensdag 9 oktober organiseerde Lumen daarom een Meet&Greet met een aantal ervaringsdeskundigen. Frouke Lampe, coördinator herstelwerk bij Stichting Lumen, zegt: “Mensen met psychische problemen of verslavingsproblematiek te maken hebben, kunnen ook problemen ervaren met toegankelijkheid van voorzieningen, teveel prikkels of geen aansluiting kunnen vinden bij andere mensen. Vaak zijn die beperkingen niet zichtbaar en daar vragen wij nu aandacht voor.”

Lonneke Tomas werkt als administratief medewerker bij de Stichting Lumen. “Ik ben manisch depressief en als ik niet goed in mijn vel zit heb ik heel veel last van prikkels. Ik ben ook wel eens de bus uitgezet omdat ik op het rustige plekje in de bus wilde zitten dat bedoeld is voor mensen met een beperking. Ik kan op zo’n moment ook niet zo goed uitleggen waarom het voor mij nodig is om daar te gaan zitten. Begrip is voor mij heel belangrijk. Ik wil me niet de hele tijd moeten verantwoorden. Ik hoorde laatst iemand op een congres zeggen: niet mensen met een beperking moeten zich aanpassen, de maatschappij moet het heel normaal vinden dat wij meedoen.”

Tom Borsten kampt met traumatische ervaringen uit zijn jeugd. Hij heeft last van hele erge nachtmerries en dat maakt werken in een reguliere baan voor hem zo goed al onmogelijk. “Als ik een erge nachtmerrie heb gehad, kun je mij de volgende dag opvegen. Dan kan ik misschien nog net functioneren, maar daar is alles wel mee gezegd. Daar is weinig begrip voor. Als ik hoor op het nieuws dat werkgevers niet graag mensen met een beperking in dienst nemen, dan herken ik dat wel.”


Week van Toegankelijkheid, een reportage van verslaggeefster Gerry van Bakel.

Prikkelarme kermis
Zowel Lonneke als Tom zouden best naar de kermis willen tijdens Leidens Ontzet. Maar het enorme lawaai, en voor Lonneke vooral de harde basgeluiden, de knipperende lichten overal, maken dat onmogelijk. Lonneke gaat wel eens, samen met haar zwager, zodat ze er zeker van kan zijn dat iemand haar thuis kan brengen als het teveel wordt. “Ik zou het fijn vinden als er een prikkelarm uur zou komen. Mensen zeggen dan vaak dat een prikkelarme kermis niet bestaat. Water is nat zeggen ze dan, kermis is lawaai en licht, maar bij andere kermissen kan dat ook. Geluid heel zacht en minder lampen aan en vooral niet laten knipperen zou voor veel mensen zoals ik de kermis toegankelijk maken. En dan heb je echt nog wel het kermisgevoel.”

Meer voldoening
Willemijn van Ogtrop heeft een lichte vorm van autisme en een zeldzame aandoening met de naam K, daardoor heeft ze een achterstand in haar motorische en verstandelijke ontwikkeling. Sinds een half jaar woont Willemijn op zichzelf in een hofje in de Leidse binnenstad en daar heeft ze het prima naar haar zin. “Ik ben heel open over mijn beperking en vertel al gauw aan mensen dat ik een lichte vorm van autisme heb, over dat andere praat ik niet zo snel, want de meeste mensen kenen het toch niet. Ik kom vaak tussen wal en schip terecht, mijn autisme wordt of onderschat of overschat. Ik heb gelukkig wel een groep goede vrienden om me heen, maar soms voel ik me wel anders dan anderen. Vroeger sportte ik wel bij speciale groepen voor mensen met een beperking en het fijne is dat er veel geregeld wordt voor je, maar ik merk dat ik nu liever wat meer zelfstandig ben. Ik roei nu bij Die Leythe en daar voel ik me helemaal geaccepteerd. Ik moet zelf mijn roeigroep regelen, contact leggen en daar heb ik in het begin best wel moeite mee, maar het geeft me wel veel meer voldoening.”

Wie meer wil weten over Stichting Lumen, kan terecht op de website www.lumen-hollandrijnland.nl.

Deze diashow vereist JavaScript.

Delen

1 reactie

  1. Nou dan.mag de gemeente leiden eerst eens bij zichzelf beginnen nw maresingel flaneerpad staan bomen midden op het pad en langs huizen staat zo veel zooi dat je dr met rolstoel niet langs kan en bovenlangs lig je met 1 stuurfout meter lager dadelijk nog singelpark met 2 niet toegangeliijke bruggen en bruggen 3manschapskade kom je ook niet overheen

Laat een reactie achter

Over de auteur

Gerry van Bakel

Presentator Nieuws071/Sport071, redacteur Cultuur071

Je bent nu offline