LWG / De Groenen wil alsnog referendum over Aalmarktplannen

1

Er moet alsnog een referendum over de Aalmarktplannen gehouden worden. Dat schrijft duo-raadslid Margje Vlasveld van LWG / De Groenen in een reactie op de berichtgeving via Sleutelstad.nl over de ruzie tussen het college en de projectgroep Nieuw Aalmarkt Plan. Vlasveld: “Met de Aalmarkt kan nog heel veel. Het vergt een andere manier van denken en een andere wethouder bouwen, want de huidige wethouder (Hillebrand) heeft net iets te vaak gedineerd met de dure heren van de MAB”.

Als enig overgebleven oplossing ziet Vlasveld een referendum. “Alleen de dreiging daarvan is in het verleden al genoeg gebleken om plannen van tafel te krijgen, waarom zou dat niet nog een keer lukken?”, zo vraagt ze zich af. Ook leden van de projectgroep NAP lieten zich de afgelopen tijd in soortgelijke bewoordingen uit, mochten de projectgroep en het college het uiteindelijk toch niet eens worden.

Delen

1 reactie

  1. Rob Doeleman op

    Dualistisch stelsel: waarheid of farce

    De projectgroep Nieuw Aalmarktplan heeft oktober 2002 een plan gepresenteerd aan het College van B&W dat binnen de projectgroep unaniem gesteund werd. Het plan van oktober 2002 was en is coherent en financieel haalbaar. Hier zijn alle partijen (ook wethouder Hillebrand) het over eens.

    Ook de commerciele haalbaarheid van het Nieuw Aalmarkplan (oktober 2003) wordt door Marktplan Adviesgroep onderschreven:

    “De cultuurtuin en het theatercafé voegen evenals de Passage een extra omgevingskwalieti aan de binnenstad toe: zij het een andere. Het culturele en leisureprofiel van de binnenstad wordthierdoor versterkt…Samenvattend zijn wij van mening dat het planvoorstel winkeltechnisch goed kan functioneren en op essentiële punten die kwaliteiten toevoegt aan de Leidse binnenstad die noodzakelijk zijn voor en zullen leiden tot een vergroting van de aantrekkingskracht.”  Ir. A.H. Zwart, directeur

    Wethouder Hillebrand is weer terug bij af. Sinds zijn aanschuiven bij de projectgroep (februari 2003) staan de oude voor- en tegenstanders weer lijnrecht tegenover elkaar.

    Het plan dat nu door het College van B&W ter inzage ligt is strijdig met  standpunten van de supervisor (de belangrijkste adviseur van het College):

    Een stad is meer dan een winkelcentrum”

     

    Een korte puntsgewijze reactie van Wytze Patijn 19 maart 2003

     

    A. Gemeentelijke commentaren en onderzoeken alsmede  het Metrumrapport hebben vooral aandacht voor winkelontwikkeling. Noodzakelijke ontwikkelingen met betrekking tot culturele en maatschappelijke functies, eveneens bouwstenen van een bruisend centrum, krijgen in de gemeentelijke overwegingen en haalbaarheidstudies niet of nauwelijks aandacht. In de gemeentelijke stukken is weinig aandacht voor de positie van de Breestraat als belangrijkste historische straat van Leiden.

    B. De locatie Aalmarktschool is van wezenlijk belang voor een succesvolle toekomst  van de cultuurtuin en de stadsgehoorzaal. Het voormalige schoolgebouw is essentieel voor een wervende positie aan het Waterplein. De  inpassing van een winkeltrekker ter plaatse van de Aalmarktschool is daarmee onverenigbaar.

    C. De opmerking in het rapport van Bureau Stedelijke Planning over een gemiste kans bij de versterking van de Aalmarkt als winkelmilieu is sterk overdreven, gekleurd en tendentieus. De mogelijkheden voor winkelontwikkeling ter plaatse van de Aalmarkt worden maximaal benut.

    D. Een aanvaardbare verkeersintensiteit op het Noordeinde en ter plaatse van de Korte Rapenburg, Prinsessekade en Turfmarkt is bepalend voor het gebruik en de omvang van de Boommarktgarage. De Boommarktgarage dient in eerste instantie  voor bewoners en de stadsgehoorzaal. Eventuele resterende beperkte parkeer-capaciteit kan dienen voor winkelbezoek. De betekenis van de Boommarktgarage als bronpunt van bezoekersaanbod is gezien het beperkte aantal bezoekersparkeer-plaatsen gering. In dat licht is het vreemd dat de kosten van de garage geheel op het Aalmarktplan drukken. Gezien de  functie van de garage horen de kosten van de parkeergarage immers grotendeels tot  het nieuwbouwprogramma van woningen.

    E. De plaats van een nieuwe doorsteek vanaf de Haarlemmerstraat naar de Stille Rijn lijkt geen punt van discussie meer te zijn. Anders dan wordt gesuggereerd gaat het om  een openbare, dus niet afsluitbare, doorgang. Vanzelfsprekend is het succes ondermeer afhankelijk van een wervende en statige vormgeving.

    De in gemeentelijke nota,s aangegeven toevoeging aan het winkelcircuit met het noordelijk deel van de Vrouwensteeg lijkt een verbetering en verdient een nadere overweging.

    F. Er moet een serieus en integraal onderzoek plaatsvinden naar de publiekstoegangen en bevoorrading van de V&D. Uitgangspunt is bevoorrading op straatpeil en binnen het volume van V&D. Het gaat om een definitieve keuze tussen een bevoorradingssluis aan de Aalmarkt of bevoorradingssluis aan de Breestraat.

    G. Een verbreding van de Mandenmakersteeg tot 6 meter als genoemd in het rapport van Bureau Stedelijke Planning  wordt afgewezen vanuit de historische stads-structuur. De aanwezigheid van fiets- en brommerverkeer in de Mandenmakersteeg blijft evenwel een belemmering voor een optimaal  verblijfs- en winkelklimaat.  

    H. De steeg ter hoogte van  de Waag is niet enkel voor de Waag bedoeld maar ook voor ontsluiting bovenwoningen. De steeg kan eventueel ’s nachts afsluitbaar zijn waarmee de toegang naar de cultuurtuin wordt geblokkeerd.

    I. Het rapport van Bureau Stedelijke Planning heeft veel meningen en bevat te weinig feiten  en is een gemiste kans om goed inzicht te krijgen  en aanbevelingen te doen voor de revitalisatie van de Leidse Binnenstad.

     

    Uiteindelijk is het aan gemeenteraadsfracties om te wegen of ze een doorsnee winkelgebied willen hebben zoals in veel steden te zien is, of een gevarieerd centrum waar het aangenaam winkelen en toeven is.

     

    Kiezen de gemeenteraadleden voor een autoluwe binnenstad of voor een garage t.b.v. voornamelijk bezoekers. Kiezen ze voor het laatste, dan spreken ze zichzelf tegen.

     

    De vraag is: hoe onafhankelijk zullen de coalitiefracties zich opstellen ten opzichte van ‘hun’ wethouders. Ik vrees het ergste….misschien dan toch nog maar een referendum.

     

     

    Rob Doeleman

    Oud-projectgroep Nieuw Aalmarktplan

Je bent nu offline