Leidse Museumnacht boeide meer dan voldoende

1

Het moet voor de organisatie met het jaar lastiger worden de klant tevreden te houden. De Leidse Museumnacht – de elfde keer editie jaar – is een traditie geworden, een vast onderdeel op de Leidse evenementenkalender. En ook een evenement dat eigenlijk alleen maar tevreden bezoekers kent. Maar op de toppen van het succes zou eigenlijk ook de vraag moeten worden gesteld hoe dat vast te houden. Jaar in jaar uit een min of meer onveranderde formule volgen, brengt de dreiging van sleetsheid in het spel. Dat gezegd hebbende: ook de 2019-editie was een succes.

Rustig
Mogelijk dat de (her)opening van de Lakenhal enige ruimte biedt. Want het ontbreken van dat museum liet zich de afgelopen twee jaar voelen. Alsof de keten van musea was doorbroken. Het loopje van Rapenburg, met z’n concentratie aan musea, naar Volkenkunde, en via molen De Valk, Lakenhal en Boerhaave terug, haperde. RMO, Hortus en Sieboldhuis hadden geen reden tot klagen over bezoekersaantallen. Maar in de tuinen van Volkenkunde, toch een gekende trekker de afgelopen jaren, was het zowaar rustig. Ondanks het mooie weer was het minder druk dan andere jaren, waardoor in elk geval slechts incidenteel wachtrijen ontstonden.

Museumnachtbloem
De Museumnacht was en is ook een nacht waarin veel te dóen is. Natuurlijk passief consumeren, was ook mogelijk. Maar daarnaast waren er vele vormen van dóen. In de Hortus was de Museumnachtbloem te vinden, een creatie van Studio Lakmoes. Zij zijn één van de weinig bedrijven in Nederland die zijn gespecialiseerd in ‘visualisatie van complexe kennis’. De Museumnachtbloem is een voorbeeld van chromatografie, de kennis dat verschillende stoffen ook verschillende gewichten hebben en dus niet allemaal op dezelfde snelheid en met hetzelfde resultaat bewegen. Door op vloeipapier of een koffiefilter een stip te zetten met een (níet-watervaste!!) viltstift, dat papier in een bodempje water te zetten, trekken de afzonderlijke pigmenten in de kleur omhoog. De lichtste het verst naar boven; ze scheiden van elkaar. Een ogenschijnlijk simpel trucje; maar het principe wordt ook gebruikt bij DNA-bepaling.

Dansen

In het museum van Volkenkunde zagen we figuur-knippende mensen, nét niet met de tong naar buiten van concentratie. Of de wel tachtig(!!) deelnemers aan de Middeleeuwse dans die Datura hen leerde. “Mocht u filmpjes hebben gemaakt en die op Instagram of Facebook delen; wij willen ze ook graag hebben”: een terecht oproep van Datura, want zo te zien, hebben alle deelnemers met heel veel plezier de dans van merries en hengsten gedanst! Tachtig mensen! Terwijl in de meeste theaterzalen de eerste rijen leeg blijven uit angst op het podium te worden geroepen.

#Helloyoutube
Anna(23) en Carlijn(23) deze mee aan één van de meer bijzondere experimenten; dat van Eat Art Collective. Terwijl zij de opgenomen instructies voor een mix-drankje – de Pan Galactic Gargle Blaster – hoorden van hun voorgangers moesten zij dat namaken én meteen de instructies inspreken voor de mensen na hen. #Helloyoutube heette dat, maar “we hebben geen idee wat we hebben gemixt. Wil je een slokje?”. In museum Boerhaave kon je overigens een hoestdrankje mixen. Dat was dan gelukkig wel ‘geheel veilig’.

Bibberen
Maar je hoefde niet eens per sé aan de Museumnacht mee te doen om iets te doen. Voor het Rijksmuseum voor Oudheden stond het Uitvindersgilde. Een groep van acht kunstenaars die diverse apparaten bouwen waarmee bijvoorbeeld behendigheid kan worden getest. Het is een levensgrote versie van de aloude bibberspiraal. Met dien verstande, dat hier niet alleen een geluidssignaal aangaf dat je het metaal aanraakte, maar ook een elektrische schok “Nee, geen schrikdraad. Het is ongeveer het niveau van zo’n elektrische vliegenmepper”. O, en “het is eigenlijk nog nooit iemand gelukt het eind te halen”.

Wetenschapswinkel
Een herrijzenis van weleer was te vinden in de Oude Sterrewacht waar het Citizens Science Lab was te vinden. Dat heeft heel veel trekjes van de Wetenschapswinkel: een plek waar vragen vanuit de samenleving, van individuele burgers, aan de wetenschap kunnen worden voorgelegd ter beantwoording. Voor wie de vraag heeft ‘hoe de universiteit dirékt van nut is voor ons’, is dit een mogelijk antwoord. Biodiversiteit, plantherkenning, en problematisch plasticvuilnis kwamen in elk geval al voorbij.

Kijken en luisteren
Musea dragen via hun collecties kennis over. In de Museumnacht konden we daar wat nauwkeuriger naar kijken. Hoe vaak sta je in het Sieboldhuis met je neus op het ontleden en opzetten van een appelvink? Een luguber idee misschien, maar tegelijk is ook het opvallendste: het respect van de taxidermist voor het dode beestje. In de Hortus kwamen in de schemering fluorescerende bacteriën ‘tot leven’. En, heel dicht bij het idee dat de Museumnacht de musea centraal moet stellen, er waren heel directe kennisoverdrachten: rondleidingen en lezingen. Waar de (terechte) vraag is wat nu het verschil is tussen de Museumnacht en de Nacht van Kunst&Kennis, wordt een deel van antwoord hier gegeven. Het Academiegebouw; ook daar een rondleiding langs plekken als ‘het zweetkamertje’. In de Hortus de rondleiding langs “goudgele planten”, vanuit Old School de wandeling langs Leidse muurgedichten, in Boerhaave de ‘speed rondleiding’ met een conservator. Het zijn de momenten waarin musea de kennis van hun conservatoren en andere deskundigen maximaal beschikbaar stellen; en wie zo’n rondleiding eens meemaakte, weet nu dat die héél veel meer weten en te vertellen hebben dan op de collectie-kaartjes staat.

Ontspanning
En er is lichtvoetiger aanbod; serieus met een recreatieve toon. In het Academiegebouw werd gedanst; onder meer Echo door DansBlok. Twee hooggehakte, modern geklede danseressen in een statige zaal is toch wel een bijzondere ervaring. Of de bieryoga die in de tuin van Boerhaave kon worden gevolgd. Tribes die Tale of the elves dansten in de Hortus. Op een plek die als twee druppels water een miniatuurversie van Woodstock is, glooiend en wel. Een plek waar ook René Oskam prima mee uit de voeten kan met zijn (korte, geestige) gedichten, aanschurend tegen banaliteit. Of honderd meter verderop, aan de Sterrenwachtlaan, waar mentalist Alex Blackwood zijn publiek tóch weer verbaasde met zijn gedachten lezen. Op die ene mevrouw na waarvan hij al na een paar seconden zei “u bent niet te lezen”. Echt? Of om de illusie echter te laten lijken? Een ligconcert van Fretless in een van de zalen van Volkenkunde: hypnotiserende Arabische klanken.

In één van de tuinen van het Sieboldhuis kon aan een Japanse theeceremonie worden deelgenomen; leerzaam en rustgevend is een drukke omgeving. Het is goed te zien en te ervaren hoe zorgvuldigheid en aandacht vanzelf leiden tot onthaasting en bezinning. Overigens was in datzelfde Sieboldhuis ook een andere kant van Japan te zien; de (haastige) wereld van arcade(computer)spellen. In de tuin van Volkenkunde troffen we Balinese dansers en de band Starfish. Eerlijk gezegd hadden beide meer publiek mogen hebben. Maar mogelijk dat toen de concurrentie met de finale van het Eurovisie Songfestival op televisie (te) groot werd.

(Hieronder 120 foto’s van genoemde voorstellingen, en meer)

Deze diashow vereist JavaScript.

Delen

1 reactie

Over de auteur

Jan van der Sluis

Schraapt het liefst aan de oppervlakte in de verwachting dat daaronder iets echt leuks is te vinden. Het sociaal en cultureel domein en de thema's (burger)participatie en innovatie boeien hem het meest.

Je bent nu offline