Gemeente en politie organiseren twee voorlichtings- en vragenbijeenkomsten voor algemeen publiek over 'de Leidse aanrander'. Maar tijdens de eerste bijeenkomst bleek slechts een heel klein deel van de aanwezigen tot die groep te horen. (Foto: Jan van der Sluis)

De 'explosie' van verhalen over 'de Leidse aanrander'.

De media waren goed vertegenwoordigd: lokale, regionale en ook landelijke (Radio1). Er waren mensen van Slachtofferhulp, voorlichters van de gemeente, politiemensen en vertegenwoordigers van zowel universiteit en hogeschool. Het effect was wel dat van de vijftig aanwezigen misschien een krappe twintig student was, en van die twintig niet eens de helft vrouw. De eerste van twee voorlichtingsbijeenkomsten die de gemeente en politie belegden over de aanrandingen van de afgelopen twee maanden leidt tot verschillende conclusies.

Hype?
Media vormen een belangrijk deel van het verhaal. Dat bewijst – deels – de opkomst vanavond, maar vooral ook de verspreiding van het verhaal. Dat bleef binnen de kortste keren niet beperkt tot de stad Leiden of de directe kennissenkringen van de slachtoffers, maar verspreidde zich snel daarbuiten. Politieman Youssef Ait Daoud, toegevoegd districtschef Leiden/Bollenstreek, zag dat ook gebeuren. Een voor de politie toch een min of meer nieuw fenomeen, waarin verhalen snel verspreiden en waar ook zelf verzonnen verhalen worden toegevoegd. Op de vraag hoe de politie met deze relatief nieuwe effecten moet omgaan, zegt hij “we hadden misschien bijeenkomsten als deze meteen na het tweede incident moeten beleggen om de stroom de kop in te drukken”. Of het zou zijn gelukt?

Patroon
Uit de relazen van de burgemeester en de politie blijkt dat zij conform de standaardprocedures hebben gehandeld. Vraag één die zij stelden, is ‘wat is hier aan de hand?’. Uit de cijfers bleek niets bijzonders. Net als de afgelopen vijf jaar bewoog het aantal geregistreerde aanrandingen en verkrachtingen zich op min of meer hetzelfde niveau. “En we wéten dat het aantal registraties niet het werkelijk aantal dekt, want niet iedereen meldt of doet aangifte”. Dat er in heel korte tijd meerdere incidenten zijn geweest, is dan wel heel ongelukkig maar niet uitzonderlijk.

 

 

 

Verzinsels
Maar het gevoel van onveiligheid wordt dan wel gevoed; zeker als sommige media gaan spreken van een ‘serie-verkrachter’ en op social media de wildste verhalen de kop op steken. Ait Daoud zegt dat op gegeven moment sprake leek van tien incidenten, die uiteindelijk allemaal (verzonnen) variaties waren van één geval. Een vertienvoudiging, een enorm vergroting. Dat maakt niet uit voor de mening van de burgemeester “je wilt niet dat mensen bang zijn in jouw stad”. Dan hebben we het nog niet eens over de schadelijke gevolgen van verzonnen verhalen, zoals wij eerder meldden. En in hoeverre sprake was, en is, van een wijdverbreid angstgevoel onder studenten? Als dat zo zou zijn, is het opvallend hoe weinig mensen komen opdagen op een avond als deze.

Recherche-werk
Al eerder is de politie aan de slag met de incidenten en de opsporing. De burgemeester zet dat meer aan door meer menskracht in te (laten) zetten. De opsporing met een vrij fors rechercheteam, met “lokstudentes en onopvallende surveillance” werpt vruchten af. Er wordt een verdachte opgepakt, die op basis van recherchewerk inmiddels ook wordt verdacht van een tweede feit. Tekenend voor de rol van media is de vraag “of dat niet wijst op een serie-aanrander?” waarbij helemaal wordt voorbij gegaan aan het fenomeen van kennis-achteraf. Vóóraf is er geen reden zoiets te stellen. Daar vlogen media met (te) snelle conclusies soms uit de bocht.

Meldingen
De bijeenkomst van afgelopen maandag werd dan wel niet druk bezocht door jonge vrouwen, dat neemt niets weg van het belang dat burgemeester en politie hechten aan een goede zaaksafhandeling. Voor recherchewerk is echter wel goede informatie essentieel. Vandaar de oproep toch vooral, in elk geval, melding te doen. Daarin worden bij voorbeeld plaats en mogelijke beschrijving dader vast gelegd voor het geval er aangifte volgt (en een strafrechtelijk traject). Die informatie is belangrijk, óók als het emotioneel soms zware aangiftetraject (toch) niet volgt. “Want naast dat het een individueel effect heeft, is het ook een maatschappelijk probleem”, aldus de burgemeester, die benadrukt dat het ook een complex geheel is waarin “ook daders wéten dat dit niet mag”. Complex omdat het niet echt impulsgedrag is “60% van de aanrandingen wordt gepleegd door bekenden, en meer dan 90% van de verkrachtingen”. Complex omdat het daardoor moeilijk is aan te geven waar ‘preventie’ zou moeten beginnen. Complex omdat er zoveel factoren mee spelen als het om bekenden gaat – blijkbaar tot en met de vraag ‘wil ik die voor de rechter brengen?’- waardoor van slechts 60% van de aanrandingen aangifte wordt gedaan en slechts in 20% van de verkrachtingsgevallen.

Aanpak
Die cijfers maken ook een beetje duidelijk in welke spagaat de politie terecht kwam. Aan de ene kant de noodzaak op te roepen de zaak niet op te blazen en aan de andere kant de oproep misdrijven als deze toch vooral serieus te nemen. Het maakt de boodschap soms lastig, zeker als er angstgevóel mee gaat spelen. Niet eens alleen aan (jonge) vrouwen gericht maar net zo goed aan mannen, was Lenferinks oproep om, zoals hij het nu zegt, “een beetje op elkaar te letten. (…) níet omdat het slachtoffer de schuldige is”. Waar de cijfers zeggen dat het niet slechter, zelfs iets beter gaat, met Leiden, is het vooral het (on)veiligheidsgevóel dat telt. Dat kan makkelijk worden aangewakkerd via social media, hetgeen bij Ait Daoud tot de conclusie leidt dat ook “buiten geïnstitutionaliseerde wegen” moet worden gezocht hoe dit te beheersen. Voor burgemeester Lenferink is het aanleiding “niet meer zo vanzelfsprekend te zeggen wat ik altijd dacht ‘Leiden is een veilige stad'”.

Leiden Maatschappij Nieuws Reportage Aanrandingen centrum Leiden


Studio
Middelstegracht 87A
2312 TT Leiden

E-mail
redactie@sleutelstad.nl

Telefoon Redactie
071 - 5235907

×