Viroloog Eric Snijder eerder dit jaar in het programma De Viruszomer van Sleutelstad.

'Nieuwe virusvarianten horen erbij. Gewoon doorgaan met vaccineren'

Wat moeten we met de Britse, Zuid-Afrikaanse en nu weer de Californische variant van het nieuwe coronavirus? Virologie-professor Eric Snijder van het Leidse LUMC is niet verrast. “Zo werken deze virussen nu eenmaal”. Het gevaar ervan moet ook niet overdreven worden. De strijd tegen de pandemie wordt wat lastiger, maar het motto blijft: ‘Stug doorgaan met vaccineren.”

Dat de nieuwe virusvarianten een hot issue zijn, werd dinsdag nog eens duidelijk. In het programma Nieuws071 van Sleutelstad legde viroloog Eric Snijder uit dat de impact van de Britse variant niet overdreven moet worden. Want het staat volgens hem nog niet vast dat het zo veel besmettelijker is. Datzelfde betoog stak hij ook af bij de landelijke zender BNR.

Ophef bij BNR
Direct dinsdagavond kreeg Snijder stevige kritiek van andere experts. Die ophef dwong hem om vanochtend bij BNR opnieuw uitleg te geven. Want hij had gezegd dat in één nieuw onderzoek die Britse variant maar “zes procent besmettelijker” bleek. Terwijl hij had moeten zeggen dat het “gemiddeld per dag een 6 procent snellere groei” vertoonde.

Voor de gemiddelde luisteraar lijkt dat een klein verschil, maar zes procent per dag kan in enkele weken een dubbel zo grote verspreiding betekenen vergeleken met andere virusvarianten. Snijder heeft zijn lesje weer geleerd. Als wetenschapper kan je nog zo je best doen om zaken in de media eenvoudig uit te leggen, tegelijk moet je je woorden wel op een goudschaaltje wegen.

Niet verrast
Toch blijft Snijder het belangrijk vinden om niet te paniekerig te reageren op nieuwe virusvarianten. “Dit type virussen maakt nu eenmaal veel kopieerfouten. Zo ontstaan er steeds nieuwe varianten. En als één daarvan succesvoller is, dan zal die zich sneller verspreiden dan andere varianten. Dit hoort er gewoon bij en het is ook niet anders dan bij griepvirussen.”

Ook blijft hij volhouden dat de precieze impact van de Britse variant nog niet goed onderzocht is. Er zijn wel snel-snel wat statistische analyses gedaan van de opkomst van deze variant. Maar de resultaten daarvan verschillen sterk.

Volgens Snijder is dat logisch: “Als zo’n virusvariant ergens oprukt, hoeft dat nog geen bewijs te zijn dat hij besmettelijker is. Ook toeval speelt een grote rol. Er zijn maar een paar superspread-events nodig om een virusvariant in een gebied snel te verspreiden.” In Engels onderzoek bleek bijvoorbeeld de kerstperiode een grote rol te spelen.

Groot genoeg
Tegelijk erkent Snijder dat de trend heus wel zal zijn dat nieuw opkomende virusvarianten zich sneller verspreiden. Dat bleek ook al in het voorjaar: de virusvariant die zich in februari razendsnel vanuit Italië over Europa verspreidde, vermenigvuldigt zich sneller dan de oorspronkelijke Chinese.

Bij die Europese variant is dat goed uitgezocht, met maandenlang laboratoriumonderzoek. Het is duidelijk welk eiwit daar veranderd is en hoeveel voordeel dat voor het virus oplevert. virus “Dat soort bewijs hebben we ook bij nieuwe varianten nodig”, vindt Snijder.

Maar voorlopig neemt ook hij aan dat de Britse variant zich op z’n minst een beetje sneller verspreidt dan vorige virusvarianten. “En ook dat is slecht nieuws bij een probleem dat toch al groot genoeg is.” Want dat deze pandemie er flink inhakt, hoef je ook de zorgvuldige viroloog Snijder niet duidelijk te maken.

Kat en muis
En wat moeten we nu doen? Daarover is Snijder glashelder. We moeten alle maatregelen tegen besmettingen volhouden, wat hem betreft mogen die zelf strenger. En verder: “Vooral stug doorgaan met vaccineren.”

Het kan best dat het coronavirus de komende tijd varianten ontwikkelt die minder gevoelig zijn voor de vaccins. Snijder denkt niet dat dat nu al zo is: er zijn nog zo weinig mensen gevaccineerd dat zulke virusvarianten nog amper een voordeel zouden hebben.

Zulke nieuwe varianten moeten dan aangepakt worden door de vaccins aan te passen, zoals dat ook bij de jaarlijkse griepvaccins gaat. Maar aanpassing kost tijd, dus zou het ons wel op achterstand zetten in het kat-en-muis spel met het virus. Daarom blijft de huidige lockdown zo belangrijk.

Virusremmer
Los van alle commotie over nieuwe varianten en vaccins die vertraagd doorkomen, wil Snijder nog wel kwijt dat het op zich “fantastisch” is dat er in zo korte tijd vaccins ontwikkeld zijn die voor maar liefst negentig procent effectief zijn, ook bij ouderen. “Vooraf zou niemand dit verwacht hebben. Als iemand 50 procent had beloofd, zouden we er ook zó voor getekend hebben.”

Tegelijk kijkt Snijder vooruit. Hij twijfelt er niet aan dat er na Sars-cov-1 van enkele jaren geleden en het huidige virus Sars-cov-2 de komende jaren nog nieuwe coronavirussen zullen komen. Daarom werkt hij met zijn onderzoeksgroep hard door aan de ontwikkeling van virusremmers, die ingezet kunnen worden tegen álle coronavirussen.

Hij legt het verschil nog eens uit. “Een vaccin is de beste manier om de ziekte te voorkomen. Maar bij nieuwe virussen kost het zelfs met alle nieuwe technieken al gauw een jaar voordat je een passend vaccin klaar hebt. Het zou enorm helpen als je wel al een middel hebt klaarliggen dat direct helpt bij mensen die door zo’n nieuw virus ernstig ziek dreigen te worden.”

Er zijn wereldwijd heel wat onderzoekers bezig met het zoeken naar virusremmers. De aanpak van Snijder geldt als zeer veelbelovend, maar het duurt zeker nog wat jaren voordat hij resultaat oplevert. Zijn onderzoeksgroep heeft er voor vijf jaar financiering voor gekregen.

Dit artikel maakt deel uit van het project “De coronamarathon”, dat wordt ondersteund door het Leids Mediafonds

Leiden Maatschappij Coronacrisis De virus-estafette


Studio
Middelstegracht 87A
2312 TT Leiden

E-mail
redactie@sleutelstad.nl

Telefoon Redactie
071 - 5235907

×