(Video: Omroep West).

Leidse De Speld-redacteur snijdt #metoo-affaire aan in nieuwe roman De Dubbele Waarheid

De Dubbele Waarheid is de tweede roman van de Leidse schrijver Roelof Smit, ook wel bekend als De Speld-redacteur Rudolf Julius. De cover van het boek valt op in het grote aanbod boeken in de boekhandel: voor- en achterkant zijn namelijk exact hetzelfde. De twee kanten van het boek zijn ook de twee kanten van het #metoo-verhaal. Die van Milan en Ruben, nadat ze één nacht samen hebben doorgebracht. Voor de een is er sprake van seksueel misbruik, voor de ander niet. Maar wie vertelt de waarheid?

Verslaggever Rob Vlastuin van mediapartner Omroep West sprak Roelof Smit over zijn tweede roman in zijn flat in Leiden. Hij heeft een geweldig uitzicht op de studentenstad, waar een belangrijk deel van De Dubbele Waarheid zich afspeelt. In het vensterraam ligt een exemplaar van het boek, dat die dag is verschenen. Daarnaast een balpen en een familiefoto. Het gezin met vier kinderen maakt een zeer gelukkige indruk.

Op de eettafel een vaas met een prachtig boeket bloemen. “Hartelijk gefeliciteerd met het nieuwe boek! Papa en mama”, is te lezen op het handgeschreven kaartje.

Waarom wilde je dit boek De Dubbele Waarheid schrijven?
“Ik vind dat het thema van seksueel misbruik en #metoo heel vaak zwart-wit wordt behandeld. Er zijn natuurlijk heel veel zaken waar heel duidelijk sprake is van seksueel misbruik. Daar gaat het boek niet over. Er zijn ook heel veel zaken van mensen, die uit wraak of financiële overwegingen, iemand vals beschuldigen. Daar gaat het ook niet over. Ik denk dat er een heel groot grijs gebied is van mensen die een nacht oprecht op een andere manier beleefd hebben. Daar wilde ik een boek over schrijven.”

Ik kan niet aan de indruk ontkomen dat de affaire rond Jelle Brandt Corstius en Gijs van Dam aan de wieg heeft gestaan van dit boek?
“Ja, toen ik die zaak volgde, merkte ik dat ik ze allebei geloofde. Vaak heb je in zo’n zaak dat je een kant kiest, veel mensen hebben dat ook gedaan. Mensen hebben de een weggezet als een leugenaar, of juist de ander. Maar ik geloofde ze allebei. Dat intrigeerde me: hoe kan het nou dat mensen die zo’n verschillende versie van de waarheid vertellen, dat ik ze toch allebei geloof. En dat heeft geleid tot het idee van deze roman, die verder volledig los staat van die zaak. Ik heb echt een geheel eigen verhaal geschreven, want het gaat niet over hen. Maar het heeft wel aan de basis gestaan.”

Je hebt bewust gekozen voor twee verhalen, waarom?
“Juist in dit soort gevallen hoor je vaak maar een kant van het verhaal. Of je hoort de andere kant pas er na. Je hoort ze nooit tegelijk. In een roman worden personages vaak afgewisseld. Dat vond ik hier niet logisch. Ik wilde ook weten of het uitmaakt. Of je eerst Ruben’s kant, of eerst Milan’s kant hoort. Daarom vond ik deze vorm daar logisch voor. Om beide verhalen te vertellen, maar dat je eerst het ene moet lezen en daarna het andere.”

De lezer wordt met twee voorkanten meteen voor de vraag gesteld: waar begin ik?
“Ja en dat is voor de lezer ook meteen al een dilemma. Je kunt bewust kiezen: ik wil eerst deze kant weten. Maar je kunt ook het lot laten bepalen: je begint zoals je het in je handen krijgt. Dus je moet eigenlijk al nadenken voordat je het boek gaat lezen. Dat vind ik wel mooi.”

Ik heb het idee dat de eerste verteller wel in het voordeel is?
“Kan ik me voorstellen. En ik denk dat het in het echt ook zo gaat. Hopelijk zet dat ook aan het denken: het feit dat je iemands verhaal als eerste hoort, betekent niet dat diegene ook gelijk heeft. Misschien heeft die ook wel gelijk, maar dat betekent niet automatisch dat die ander ongelijk heeft. Juist bij dit soort gevoelige dingen.”

Waar ben je zelf begonnen met het schrijven?
“Ik ben begonnen met Ruben’s kant. Dat was makkelijker te schrijven, want ik heb zelf geen enkele ervaring met seksueel misbruik. Dus de kant van het ‘vermeende’ slachtoffer was voor mij moeilijker om in te leven. En de andere kant dat je ergens vals van bent beschuldigd, dat kan heel klein zijn, dat gevoel kent iedereen: dat iemand zegt dat je iets hebt gedaan, dat je niet hebt gedaan. Dat gevoel van onrecht was voor mij een kwestie van uitvergroten. Dus daar kon ik mij makkelijker in inleven.”

Is het de bedoeling dat de lezer een standpunt inneemt aan het einde van het boek?
“Het staat de lezer vrij. Ik zou het mooi vinden als de lezer aan het eind juist denkt: ik weet het niet. Of: ik geloof ze allebei. Of in ieder geval twijfel heeft over wat er nou echt is gebeurd. En van allebei de karakters is gaan houden en met hen heeft meegeleefd. Dat zou ik het mooiste vinden. Maar als iemand het boek heeft gelezen en denkt: die heeft duidelijk gelijk. Ja, dat mag ook.”

“Maar die twijfel vind ik heel belangrijk. Dat is precies wat ik hoop te bereiken. Dat mensen het niet meer zo zwart-wit gaan zien en dat ze erkennen dat er een grijs gebied is. Het is helemaal niet om seksueel misbruik goed te praten. Daar gaat het boek niet over, dat moet worden bestraft. Maar in dat grijze gebied heb je alleen maar slachtoffers. Dus je hebt iemand die oprecht zich verkracht of misbruikt voelt, wat afschuwelijk is en die verdient alle steun. En tegelijkertijd heb je iemand die zich van geen kwaad bewust is en door de beschuldiging in grote problemen komt. Die verdient wat mij betreft ook steun.”

“Ik hoop ook dat mensen bewuster worden van de signalen van de ander. Dus dat je, ook als je geen enkel kwaad in de zin hebt, goed in de gaten houdt: wat wil die ander nou wel, en wat niet. Dat je zelf ook bewuster bent van je eigen grenzen. En aan de andere kant, dat je niet alles hoeft te doen wat er van je verwacht wordt. Dat je dat ook duidelijk kenbaar kan maken en dat het hopelijk in heel veel gevallen als gevolg heeft dat het daar stopt. Kijk: als je het duidelijk kenbaar maakt en vervolgens gaat de ander gewoon door, dan heb je het over seksueel misbruik. Het ligt allemaal heel gevoelig en dat is precies het gesprek, en de gedachten bij mensen, wat ik op gang wil brengen.”

In De Dubbele Waarheid spelen de media en de sociale media ook een dubieuze rol. Moeten we jouw boek ook lezen als een kritiek op de media en de sociale media?
“Ja, meer op sociale media dan op de media. Ik denk dat door de snelheid van sociale media mensen vaak niet goed nadenken in wat ze doen en wat ze roepen. Het incident met Bilal Wahib lijkt me daar een uitstekend voorbeeld van, die totaal niet nadenkt en iets ongelooflijks stom doet. Vervolgens daar ook gigantisch de gevolgen van ondervindt. Dan worden er weer meldingen gedaan bij meldpunt kinderporno. Het valt totaal niet goed te praten wat hij heeft gedaan, maar dit was geen kinderporno lijkt mij. Ja, misschien voor de letter van de wet wel, maar als je het over kinderporno hebt en de mensen die dat echt maken, ik hoop dat die een stuk zwaarder gestraft worden dan Bilal.”

Het boek speelt zich af in de gayscene. Je schetst een getroebleerd, somber en eenzaam beeld.
“Dat is niet per se het beeld van de gayscene. Maar het is een kant daarvan, die er kan zijn en in dit geval, in dit boek, zo is.”

De relaties met de vaders zijn nogal verschillend, maar hebben met elkaar gemeen dat ze problematisch zijn. Is dat toeval?
“Het is geen toeval, in die zin dat ik die spiegeling in het boek wilde hebben. Dat het voor allebei geldt, op een andere manier. Het is wel toeval dat ik een uitstekende relatie heb met mijn vader. Maar ik vind de verhouding tussen ouders en kinderen altijd interessant in literatuur. Want de band met je ouders vormt je vanaf het moment dat je in het leven stapt en het heeft zoveel effect op wie je wordt, of wie je bent. Ja, dat vind ik heel boeiend.”

Leiden speelt, evenals in de eerste roman Kerst in Essen, opnieuw een belangrijke rol in jouw tweede roman. Waarom is het zo aantrekkelijk om daarover te schrijven?
“Het voordeel is dat je het kent en als je een detail wil weten, fiets je er even heen. Dat helpt natuurlijk. Maar het is vooral: ik hou van Leiden. Ik vind het een heerlijke stad. Ik woon hier met ongelooflijk veel plezier. Als schrijver heb je dan de kans om de mooiste plekjes in die stad, of de restaurants waar je graag komt, een plekje te geven in jouw boek. Dat is gewoon leuk.”

Wat is jouw favoriete plek in Leiden?
“Mijn favoriete plekje staat er nou net weer niet in. Maar dat is de Hooglandsekerkgracht. Dat is zo’n mooie straat. En dan vooral als je van de andere kant van de kerk komt, als je naar de kerk toeloopt. Zeker als de bomen helemaal vol in blad zijn, dan ineens doemt die kerk voor je op. Die is ineens gigantisch groot. Alleen die zie je niet vanaf het begin, dat is altijd een mooi effect. Ik denk dat ik het heb bewaard voor een volgend boek, dat ‘ie een grotere rol krijgt.”

Cultuur Leiden


Studio
Middelstegracht 87A
2312 TT Leiden

E-mail
redactie@sleutelstad.nl

Telefoon Redactie
071 - 5235907

Whatsapp Studio
071 - 5235908

×