Het LUMC was vandaag een grote speelplaats

“Nou, vorig jaar was het volgens mij drukker, hoor” zei één van de dames die de programmaboekjes en de speurpuzzeltocht aanreikten. Achter hen, in de hal van het LUMC, ontwaarden we heel wat ouders met kinderen, maar blijkbaar ‘viel het wel mee’. Gelukkig dan maar, want bij de meeste stands was het toch nog even wachten, heel even. Misschien was dit wel de ideale drukte: gezellig en niemand verdringend.

Wat doen ze in het LUMC?
Het LUMC laat je op z’n wetenschapsdag kennis maken met het werk dat samen het LUMC vormt; van instrumentmaker tot DNA-onderzoeker, van apotheker tot orthopeet, van opleiding tot onderzoek. Dan heb je tweeëneenhalve verdieping nodig en zo’n vijfentwintig stands, collegezalen voor lezingen en zelfs rondleidingen over afdelingen. En een (anatomisch) museum dat maar twee keer per jaar open is voor publiek.

Ook moeilijke dingen begrijpelijk maken
‘Doen’ is het toverwoord. Overal konden de bezoekers en bezoekertjes iets doen; en tegelijk iets leren. Een malariamug imiteer je met een dartpijl en de punten geven aan waar je het kwetsbaarst bent: hoofd = 5pnt, lijf = 1pnt. Angst maak je hanteerbaar door op te schrijven waarmee jij die angst bestrijdt, dat op te schrijven op een groeipapiertje en dat op zijn beurt te laten uitgroeien; tot een Vergeet-mij-nietje. “Bang voor het donker zie je dan ’s avonds ‘vergeet mij niet’, en herinner je je eigen tip”, vertelde een van de maatschappelijk werkers bij wier stand dit gebeurde.

Muziek maken op bananen
Marijn(6) en Bram(5) maakten muziek; door op bananen te slaan “niet te hard, hoor”. Overigens in de stand van wetenschapsmuseum Boerhaave. Iets verderop werd zalf gekozen aan de hand van een DNAtest. Iris(7) en Roos(5) hadden al een formulier en waren bezig een echte tube zalf te maken. En te laten controleren door een echte apotheker. Die vertelde dat “in het echt DNAbepaling wordt gebruikt bij bijvoorbeeld kankerbestrijding, waarbij de medicijnen steeds meer individueel bepaald worden”.

Meten, uitproberen, doen
Er wordt gepipetteerd; gezocht naar fouten in DNA; stambomen worden getekend; maar er is ook – gratis – gifgroene en bloedrozige limonade. Heel toevallig overigens, die kleuren. Je kunt uitzoeken hoe lenig je bent, door zittend op de grond je vingers zo ver als mogelijk over een meetlat uit te strekken. Maarten(9) blijkt lenig. Naast hem start dan net een rolstoelwedstrijd, die nog best lastig blijkt te zijn als je geen ervaring hebt met rolstoel rijden. Jochem(8) is dan bezig met de handknijptest: hoeveel kracht heb jij in je handen? Best veel, dus. Sommige tests en metingen zijn eigenlijk bedoeld voor volwassenen. Dat moet je wel meetellen. Je hoeveelheid spier laten meten, vertekent daarom. Kinderen zijn nog volop bezig spieren te krijgen en dus ben je eigenlijk veel te vroeg aan het meten. Maar leuk is het wel. dat geldt ook voor de tests die eigenlijk voor ouderen zijn; een piramide bouwen bijvoorbeeld. Joshua(9) probeert met een masker op hoe het is om blind rond te lopen met een geleidestok. Dat gaat best goed, alhoewel een passerend LUMC-personeelslid op één van de dienststeps plots moet uitwijken.

Het Anatomisch Museum
Voor het anatomisch museum moet je naar buiten, naar een ander gebouw. In dat opleidingsgebouw bevindt zich een bijzondere collectie: skeletten, modellen, preparaten op sterk water, allemaal bedoeld voor het onderwijs. Maar misschien nog wel interessanter voor leken is dat ze vaak heel oud zijn. Het is indrukwekkend te zien hoe vakkundig werd geprepareerd. Het is ook leerzaam te zien hoe in vroeger tijden aandoeningen konden leiden tot vervormingen. Engelse Ziekte die een skelet in een haakse hoek deed verbuigen, moet voor de patiënt ellendig zijn geweest. Slechts tweemaal per jaar wordt het museum open gesteld voor algemeen publiek. Dat is niet veel, want de collectie boezemt ontzag voor het vakmanschap in.

Voor volgende keer
“U moet de Radiologie-rondleiding ook gaan zien”, had de vriendelijke dame bij de ingang gezegd. Dat hebben we niet gehaald, net zo min als de lezingen en workshops. We hadden ook graag nog wat langer blijven hangen bij MicroMania, waar replica’s van Van Leeuwenhoeks microscoop waren te zien tot en met haast kunstzinnige foto’s gemaakt met fluorescentiemicroscopen. En dan was er nog de Leidse Instumentmakers School, en Technology in Motion van de neurologen. Dat alles moet wachten, tot een volgende keer.

Delen

Reageren is niet (meer) mogelijk.

Over de auteur

Jan van der Sluis

Schraapt het liefst aan de oppervlakte in de verwachting dat daaronder iets echt leuks is te vinden. Het sociaal en cultureel domein en de thema's (burger)participatie en innovatie boeien hem het meest.

Je bent nu offline