Hakketak, Francine sprak… Bob Snijers banketbakkerij en lunchroom Snijers

3

francineHoeveel generaties zou die banketbakkerij annex lunchroom al in die familie zitten? Ik vraag het me af als ik vlak voor kerst naar Snijers op de Botermarkt loop. Het antwoord staat al direct in de etalage. Snijers is opgericht in 1829 en de huidige eigenaren: Harry en zijn zoon Bob zijn de zesde en zevende generatie die de zaak in ongeveer precies dezelfde formule als bijna 200 jaar geleden de 21e eeuw hebben ingeloodst.

200 jaar
“Twee eeuwen. Daar staat vast niemand bij stil,” denk ik als ik de opsomming van vaders, opa’s en bet-overgrootvaders op dat grote bord nalees dat de familie ooit van een vaste klant kreeg. Banketbakkerij- en Lunchroom Snijers is een uniek familiebedrijf. Het bedrijf kent een lange geschiedenis en dat is nog altijd, zowel aan de buitenkant als in het interieur van de zaak terug te vinden.

In 1771 komt Jacobus Snijers (Snijers nr 1) vanuit Frankrijk, via Noord-Brabant, in Leiden terecht. Hij was handelaar in koloniale waren en kon tabak kerven. Een inmiddels totaal uitgestorven beroep, maar destijds enorm populair. Kerftabak is namelijk een oerhollands product. Het was geschikt als shag, pijptabak en pruimtabak en dankt zijn naam aan het feit dat de ruwe tabak als voornaamste bewerking het snijden of kerven, onderging. En dat kon Jacobus als de beste! Vergeleken met sigaren waren er veel minder bewerkingen nodig en dat zorgde er dus voor dat de kostprijs van kerftabak veel lager was. Kennelijk waren Leidenaren in die tijd al erg prijsbewust want Jacobus kocht een pand in de Haarlemmerstraat, begon er een zaak in die hij ‘de Blauwe Arend’ noemde en die liep direct als een tierelier.

Roer om
Op een gegeven moment kwam pruimtabak kerven hem een beetje de keel uit en gemotiveerd door zijn zoon Adrianus (Snijers nr 2) gooide Jacobus het roer totaal om door in 1829 op Botermarkt nummer 15 een banketbakkerij te gaan runnen. Die zaak liep van meet af aan lekker. Adrianus neemt het roer in 1841 over om het stokje in 1870 weer aan zijn eigen zoon Petrus (Snijers nr 3) door te geven. Voor 1500 gulden (dat is nu dus 680 euro) liet Petrus de prachtig met de hand gesneden teak-houten gevel voor het pand plaatsen door twee Vlaamse kunstenaars. Vijftienhonderd gulden was destijds een krankzinnig hoog bedrag voor een dergelijke gevel. In de 19e eeuw trokken veel houtbewerkers uit Noord-Italië, Frankrijk en België naar de noordelijke landen van Europa om daar te voldoen aan de toenemende vraag naar sierwerkers. Een dergelijke gevel symboliseerde rijkdom en/of kwaliteit.

Nummer vier
Henricus (Snijers nr 4), zoon van Petrus en eigenaar van de Banketbakkerij vanaf 1924 ontdekt dat mensen die de zaterdagse warenmarkt bezoeken het wel leuk vinden om een kop koffie of thee te kunnen nuttigen tussen de boodschappen door. Et voilà, om het maar eens op z’n Frans, in Jacobusstijl te zeggen, de lunchroom was geboren! Op vrijdagen kwamen boeren uit de omgeving naar de Leidse ‘beestenmarkt’. Ook zij vonden het prettig om even te kunnen verpozen en in een warme omgeving het vee te verhandelen. Henricus richtte voor hen de ‘zondagse-kamer’ aan de voorzijde naast de winkel in met tafeltjes en sierlijke stoeltjes.

Groei-groei
Dat had succes! Niet alleen tijdens het verhandelen van vee en waren werd de lunchroom bezocht, maar het werd ook een populaire plek om af te spreken met ‘je lief’ ofwel je verkering in die tijd. Speciaal voor de verliefde luitjes werd in 1946 de achterkamer naast de winkel óók ingericht om thee en koffie met gebak, of een boterham te serveren. Wat werd dáár dankbaar gebruik van gemaakt! Mensen hadden net na de Tweede Wereldoorlog grote behoefte aan een beetje aangenaam verpozen met elkaar, dus de Snijers-slogan: “De zaak waar uw grootouders elkaar al ontmoetten” is realiteit, menig verloving is daar afgesproken en uiteindelijk ook nog gevierd!

Joop (Snijers nr 5) trekt in 1964 beide kamers officieel bij elkaar. In die tijd was het ook mode om woningen een wat meer ‘open-karakter’ te geven, menig kamer-en-suite is destijds gesneuveld om er één grote, vooral lichte, ruimte van te maken. En dat gebeurde dus ook bij Snijers. Tot op vandaag is dáár verder niets meer aan veranderd. Joop gaf na 23 jaar bakken en serveren het banketbakkers en lunchroomstokje weer door aan zijn zonen Harry en Hans (Snijers generatie nr 6). Vandaag de dag worden je koffie en lekkers nog steeds bereid door Harry, die weer samen met zíjn zoon Bob (Snijers nr 7) en vrouw Dorine de zaak in dezelfde gedachte voortzet als hoe hij ooit begon.

Nu
Je begrijpt dat deze lange intro voor mij wel even flink noteren was. En in die tijd stond ik heen-en-weer te springen van jewelste. Gelukkig ben ik zelf bakkersdochter en weet dus dat een bakker nooit tijd heeft. Daar moet je gewoon achteraan rennen tijdens het werk, even je mond houden als er een dosering voor een recept wordt uitgemeten, voordat het de deegkuip ingaat en even bukken als de handschieter (houten plankje om afgebakken deegwaren uit een hete oven te halen) over je hoofd de bloedhete oven in wordt geschoven.

Eerlijk gezegd trok mijn hele jeugd als een razendsnelle flash-back aan mij voorbij toen ik Harry, Dorine en Bob zo zag aanpoten voor de naderende Kerst. Bijna kreeg ik de neiging om de sinassnippers kruislings, in setjes van vier, zoals het hoort op de nog warme kerstkransen te leggen, toen ik besefte dat de techniek van bereiden en bakken dus ook uit de afgelopen decennia moet zijn. Anders zou ik het niet herkend hebben! Ik was 19 toen ik mijn eigen ouderlijk huis, annex bakkerij verliet, dus dezelfde baktechnieken die ik twee weken geleden bij Snijers zag, stammen zeker uit de jaren zestig, als ze niet ouder zijn. Want, recepten gaan in deze bedrijfstak, zwaar bewaakt, over van vader op zoon. Meestal zelfs uit het hoofd, een bakker heeft geen tijd om een receptenboekje open te slaan.

Bob
En dan zijn we eindelijk toe aan Bob, de inmiddels 7e generatie Snijers bakkers. Vrolijke man die Bob. Net een paar maanden geleden getrouwd en druk heen en weer rennend, ondanks dat ik al voor 9.00 uur bij hen was, om een gezelschap van koffie met gebak te voorzien. “Die zijn ook vroeg aan de taart”, zeg ik tegen Harry terwijl Bob uitserveert. “Dat is een bruiloft”, zegt Harry. “Dat hebben we hier héél vaak. Je kunt namelijk gratis trouwen als je vroeg opstaat en wij zijn ook vroeg met vers gebak!” Geinig zeg, vertederd kijk ik nu wat preciezer naar de smikkelende mensen in de lunchroom. Ze genieten zichtbaar van het gebak en elkaar. Ik heb het niet koud in de bakkerij maar wordt nu van binnen ook lekker warm.

Hop Bob
Bob moet ik bijna vangen en omkeren om er antwoorden uit te krijgen. Hij gooit er zeven woorden uit als vijf al genoeg zouden zijn, is voortdurend aan het grappen over van alles en nog wat maar slaat volkomen dicht als hijzelf het onderwerp is. Hij doorliep de Leidse Zwaluw en het Vlietland College, studeerde ‘Small-Business’ en Retail Management’ in Den Haag, kwam bij zijn vader in de zaak en vindt dat hij een ‘lollig leven’ heeft. Zijn moeder, Dorine, grijnst als ze hem dat hoort zeggen. “Het is wel zo”, verklaart ze nader, “Bob heeft het altijd naar zijn zin. Hij was al een vrolijk klein manneke en ziet tot op vandaag alle glazen altijd nog half vol.” Leuk hoor, de geschiedenis uit een hele familie horen. Terwijl ik er ben is er ook een zwager uit Ter Aar. Die komt zijn familie helpen tijdens de kerstdrukte en neemt meteen ook de bestellingen mee. Want je kunt bij Snijers natuurlijk ook je gebak bestellen! Dat wordt thuisbezorgd. “En geloof me”, zegt zwagerlief, “Alles wat Leiden uit verhuisd, blijft klant. Ik rij me sommige dagen echt suf door de hele regio”. Hij doet het overigens wel met plezier én… ziet zo zijn familie nog met regelmaat!

Genoeg
Vroeger had je nog Bakkerij Kluit in de Breestraat, Berndsen aan de Nieuwe Rijn en lunchroom Hendriks in de Donkersteeg. Samen met Snijers dekte dat viertal de behoefte aan ‘koffie mét’ in Leiden. Harry en Bob vinden het prima en heel goed in deze met laptops flexwerkende maatschappij passen dat er nu veel meer gelegenheden bij zijn gekomen waar je ook wat kunt nuttigen maar het is nu wél genoeg. Nog niet eens uit het oogpunt van omzet geredeneerd. Met een terras in deels schaduw is het prettig vertoeven als ZZP-er met je klandizie omdat je dan beter op je laptopscherm kunt kijken dan in de zon. Bovendien hebben steeds meer mensen door dat langer dan een half uurtje in de zon zitten schadelijk is dus over het aantal bezoekers op het eigen terras, dat deels in de schaduw ligt, hoor je Snijers niet klagen. “Het wordt met teveel koffiezaken op een kluitje gewoon een oninteressant gebied voor mensen die willen winkelen. Die gaan hele stukken overslaan. Dat merk je nu al en dát is uiteindelijk niet goed. Voor geen van ons allen”, vindt Harry niet onterecht.

Antwoorden!
“Bob kom op! Nu je persoonlijke mening over Leiden. Wat vind jij hier het allerleukst?” Bob houdt veel van Leiden, vooral de rustige, leuke, historische plekjes. Hij vind het fijn dat het niet zo’n heel drukke stad is als Amsterdam. Dáár zou hij helemaal gék worden. Minder leuk aan Leiden vindt hij het gekrakeel rondom vergunningen. Eerst worden terrasboten gepromoot, nu moeten er wellicht een aantal weg of komen er tijdelijke vergunningen om je terras te exploiteren. “De Gemeente is gewoon niet eensluidend, laat staan duidelijk bezig. Dat is wel balen dat gedoe.” Als Leiden zomaar verdwijnen zou gaat hij naar een land met veel zon en water om vaak te kunnen zwemmen en varen. Beweeglijk als de Snijertjes zijn lachen ze simultaan als Bob dat idee oppert. “Jaaaa, lekker varen, zwemmen, lopen en fietsen!”

Vreemd
Het gekste wat ze ooit in de lunchroom meemaakten was dat er met regelmaat hele boterhammen in het aquarium (dat is inmiddels weg) dreven. Op een dag kwamen ze erachter dat een van de vaste lunchklanten dat deed. Die was werkelijk in de veronderstelling dat goudvissen hele witte boterhammen aten! Verder hadden ze ook tijdenlang een bijzondere bezoeker die koffie met een pilsje bestelde. De koffie om te drinken, de pils om zijn gebit in te gooien en al schuddend te ‘reinigen’. Aan de familie de bijzondere taak de man te overreden dat toch maar liever thuis te doen met gebitsreiniger. De overige bezoekers van de lunchroom stelden deze tafereeltjes namelijk minder op prijs.

Vrouwen, hakken, Bob versus Harry
Als ik de vraag stel wat Bob van vrouwen op hakken vindt (grote dames op hakken vind ‘ie eng) roept Harry: “leuheukkkkkk vind ik dat!” Nee joh, verbetert zoonlief zijn pa. Dat is gewoon sexy….! Hej Juh…jij bent pas getrouwd! Reageert pa verbolgen…en tegen mij: “De jeugd van tegenwoordig knalt er echt ook alles uit hé?” Hilariteit door de hele bakkerij. En zo gaat het daar de hele dag door. Kwinkslagen zijn schering en inslag, ondertussen wordt er hard doorgebuffeld aan de werkbank en achter het fornuis. Want Bob is alweer met een bestelde pannenkoek bezig, ook dat staat op de kaart bij Snijers.

Onze Snijertjes
Ze zijn een beetje van ons allemaal. Deze leuke, lieve familie die op dit moment dat je dit leest de hele drukke decemberperiode, gelukkig voor hen, weer achter de rug heeft. Wat een harde werkers. Altijd vrolijk, altijd positief. Want dat is ook nog eens het motto van Bob: “Maak je niet druk! Elke dag moet je denken “Ik maak er weer wat van, deze dag verloopt weer positief!”

Banketbakkerij / Lunchroom Snijers op Facebook: www.facebook.com/LunchroomSnijers

Delen

3 reacties

  1. Nel van duuren op

    Zeker een lieve en hard werkende familie.
    Succes en gezondheid voor 2016 .

  2. We komen er elke week….eerst naar Snijers en dan naar de markt…..en elke week komen er dezelfde mensen waar je gezellig mee babbelt…het is net een heeele grote Snijers – fanclub. Het is nog even wachten op de fanclub-t-shirts….

Over de auteur

Francine Verbiest

Ik ben een gewone Leidse vrouw die al verschillende van haar passies en dromen heeft kunnen en mogen waarmaken, in Leiden deed ik iets met bloemen en motoren en nu verkoop ik spullen met krullen en (uw) woningen. U kunt het wat uitgebreider nakijken op ondernemen op hakken. Ik ben dol op kinderen en honden, werk graag met jonge talenten, gooi mijn energie eruit op wel- en niet gemotoriseerde 2-wielers, voel me goed in en ga graag op in de massa, hou van mensen maar niet van klitterige clubjes, ken het kind in mezelf en ben al meer dan 40 jaar samen met de voormalig “Leidse tuinman met de snor” wiens achternaam ik vol trots draag!

Je bent nu offline