Leiden krijgt mogelijk hoogbouw die je niet, of wel, ziet

9

Voer voor cynici, dat zóu een omschrijving kunnen zijn van de startbijeenkomst van LEAD. Dat is de onlangs aangekondigde ontwikkeling van 550 woningen op het KPN/Monuta-terrein aan de Willem de Zwijgerlaan. Om die woningen te realiseren, zo is het plan, zullen er drie woontorens verrijzen, waarvan de hoogste 115 meter zou moeten worden. Waar in dergelijke situaties buurten en actiecomités te hoop lopen, bleef dat hier achterwege. Sterker, als we de nieren zouden moeten proeven van de meer dan tweehonderd aanwezigen dan overheerste een welwillende houding; wél met één belangrijke zorg, de auto.

Chris de Waard was aanwezig bij de startbijeenkomst en sprak met de architect, de wethouder, verschillende politieke partijen en met omwonenden.

Welwillend
De aftrap van de architect, de landschapsarchitect en de wethouder – “(plan) past binnen het beleidsakkoord” – was er een in de categorie ‘we hebben er extreem goed over nagedacht; vertrouw ons nu maar’. Niet alleen het zoveelste filmpje over het goede leven in Leiden, maar ook woordkeuze(s) wekten cynisme op. ‘Over the top‘ soms, vooral omdat op cruciale vragen het antwoord nog niet gegeven kon worden. En dat terwijl dat helemaal niet nodig bleek, want het plan is welwillend ontvangen waarbij vooral vormgeving en ‘groen’ waardering oogstten.

Film
Het wordt een gewoonte ieder(?) project in Leiden te voorzien van een presentatie over de schoonheid en bedrijvigheid in de stad. Dinsdagavond was geen uitzondering: voornamelijk mooie beelden van de binnenstad. De voice over vertélde een breder verhaal en ook meer toegesneden op de “na-oorlogse wijken”, maar beelden over de directe omgeving van de projectlocatie ontbraken.

In een gelikte videopresentatie kregen de aanwezigen het plan voorgeschoteld.

Woordkeuze
Enigszins bevreemdend was af en toe de woordkeuze. Het is toe te juichen dat “het scharnierpunt (de projectlocatie, JvdS) een forse groene impuls” krijgt en mooi dat het plan voorziet in toevoegen van de functie “verblijven” naast verplaatsen (per fiets). Het is waar dat het allemaal nog niet 100% is, maar om de situatie te betitelen als “restruimtes die groen geworden zijn”, “niemandsland”, “troosteloos” of “plukje gebouwen” doet geen recht aan de nieuwbouw en de pogingen tot nu toe, zeker die van bewoners en organisaties direct grenzend aan het gebied.

Niet zichtbaar
Samenwerkingsverband LEAD – waar in weerwil van wethouder Fleur Spijkers’ opmerking dat zij er “helemaal bleu in staat”, onbevooroordeeld dus, wel degelijk ook Leidse ambtenaren hebben geparticipeerd, vertelde één van de sheets – leverde een interessant, mooi en vast ook doordacht plan, zij het dat delen nader moeten worden onderzocht. Het deed wel wenkbrauwen fronsen dat “vanuit de binnenstad de hoogbouw niet zichtbaar (is)”. Vanuit de smalle binnenstadsstraten en -stegen niet, maar vanuit de aanliggende buurten zal de hoogbouw niet eenvoudig over het hoofd te zien zijn, hoe mooi rank ook.

Beloftes
Natuurlijk prijst een verkoper zijn product, maar het werd soms wat veel. Haast te mooi om waar te zijn, bekruipt je als toezeggingen als én “duurzaam”, én “bruisend”, én “toegankelijk”, én “beschikbaar voor iedereen” worden gedaan. De “zeven beloftes” moeten we echter, volgens LEAD zelf, zeer serieus nemen. Zeker ‘bruisend’ werd gedeeld door de aanwezigen. Het aantal stickertjes bij Horeca en bij Detailhandel was aan het eind van de avond fors. ‘Gezocht: levendigheid’ in dit deel van de stad dus.

Zwaar
Met een woningopgave van 8500 zal Leiden meer hoogbouw tegemoet kunnen zien. Zo’n voorspelling is niet al te risicovol, zeker als je je realiseert dat dit project ‘maar’ 550 woningen op zal leveren. Dat aantal is, vertelde architect Nanne de Ru, ook het minimum om het plan rendabel te maken “hóógte is nooit een doel geweest”. LEAD is in dat opzicht ook een goed voorbeeld van de zware opgave die Leiden, maar ook architecten en projectontwikkelaars, wacht: veel woningen op een kleine oppervlakte en met weinig overlast voor de omgeving. LEAD is in dat opzicht inderdaad “een spannend project”.

Verkeersafwikkeling
Wie verwachtte dat de meeste commotie zou ontstaan over de hoogte van de torens, kwam bedrogen uit. Goed, verschillende mensen willen nog eens goed kijken naar de zon- en schaduwberekeningen en simulaties – “we blijven binnen de wettelijke richtlijnen en normen” – (en de wind- en geluidstudies zijn nog helemaal niet gedaan) en er zijn twijfels over mogelijke parkeerproblemen, maar met name de verkeersafwikkeling leek zorgen te baren. Het is inderdaad een vreemd plaatje: de verkeersafwikkeling loopt niet via het autoluw ontwikkelde en aangelegde Nieuw Leyden en niet direct naar de Willem de Zwijgerlaan. Duidelijk botsende belangen, waarbij de vraag rijst of de ontwikkelaars van de Leidse Ring niet óók water bij de wijn zouden moeten doen.

Participatie
De komende weken zullen drie bijeenkomsten worden belegd voor diegenen die willen meedenken over de realisatie van het project. Op 18 oktober is er daarna weer een plenaire bijeenkomst waar naar verwachting een definitiever plan kan worden gepresenteerd. Als het goed is, zijn dan ook de zorgen weggenomen over de parkeerdruk “met de laagste norm van 1,1 parkeerplaats per woning moeten er 600 parkeerplaatsen komen, maar die komen er niet in dit plan” en de verkeersafwikkeling.

Bouwwethouder Fleur Spijker gaf aan het begin van de avond een eerste (positieve) reactie op het plan.

Delen
Rabobank Wensenfonds

9 reacties

  1. Informatieve bijeenkomst was dat! Ik hoop dat de bouw snel kan beginnen dan kunnen meer Leidenaar een woning vinden. Hier wordt Leiden ook nog mooier van.

  2. Duidelijke participatieavond! Erg fijn om over de verschillende thema’s informatie op te doen over dit project. Eerst wat zorgen, maar nu alle vertrouwen! Bouwen maar!

  3. Gerard van der Veer op

    Tot dusver (twee positieve reacties van bezoekers van de avond) is auteur Jan de enige met reserves. Ik vind het ‘principieel’ bedenkelijk wanneer een gemeente/wethouder zich opstelt als verkoper van een product en burgers (/kopers/huurders) als consument benadert. En gekoppeld daaraan meent de doos met verkooptrucs (gelikte clip, grote woorden) open te moeten trekken, vol op het orgel te spelen.
    Bij democratie hoort eerder openheid van zaken dan een poging mensen met alle mogelijke middelen te verleiden. Misschien is het actie-reactie, en krijgt de eeuwig kankerende burger preventief zo een lading positivisme over zich heen dat het kankeren hem/haar vergaat.
    Minimumblijk van nagestreefde openheid van zaken is begrijpelijk taalgebruik. Kennelijk zijn architecten en/of wethouder daartoe nog niet bij machte, gemeten naar de stijlbloemen die Jan aandraagt ( ‘scharnierpunt dat een forse groene impuls krijgt’, ‘toevoegen van de functie “verblijven” ‘).

    • Zo “gelikt” vond ik het overigens niet. Gewoon mensen die enthousiast vertellen over hun ideeën. Daar is niet mis mee.

      • Gerard van der Veer op

        Dag Gerart,

        Dus u vindt de reserves van Jan van der Sluis wat overdreven?

        Qua jargon: ik heb inmiddels ook de clip met de eerste reactie van Spijkers bekeken. Die is behoorlijk direct, onomwonden.

        Ik bedacht me, na het versturen van mijn vorige reactie, dat de ernst waarmee inspraak/participatie wordt aangeboden sowieso lastig te beoordelen is. Bekend uit onderzoek is (herinner ik me uit paraat geheugen) dat op participatiebijeenkomsten relatief vaak hoogopgeleide bezoekers verschijnen. Die zijn niet representatief. Wil je alle belanghebbenden bereiken, dan zijn andere methoden nodig, die weer begrotelijk kunnen zijn.

        Andere kwestie is basisvertrouwen in de oogmerken van de gemeente (staat men werkelijk open voor inbreng). Officieel staat men nu in Leiden aan het begin en kan van alles aan het plan nog worden aangepast op basis van de inspraak van geïnteresseerden, binnen het raamwerk van het Beleidsakkoord.

        En ook over de waarde van de inbreng van burgers kan men het hebben. Klant is koning en bepaalt wat hij/zij wil. Maar het gaat hier deels om publieke ruimte en andere bestemmingen dan wonen. Voor het wegen daarvan hebben we deels representatieve vertegenwoordiging in de gemeenteraad. Daar herhaalt zich dan dezelfde kwestie: informeert het College de raad volledig?; in hoeverre hebben de raadsfracties voelsprieten in de samenleving?

        ‘Eenvoudig’ wordt het nooit.

  4. Het zag er nog mooier uit dan ik dacht. Wat mij betreft beginnen ze vandaag al met de bouw! Dan kunnen ook meer mensen in Leiden blijven wonen die hier geboren en getogen zijn ipv noodgedwongen te moeten verhuizen naar andere gemeenten omdat er in Leiden simpelweg geen woningen zijn.

Over de auteur

Jan van der Sluis

Schraapt het liefst aan de oppervlakte in de verwachting dat daaronder iets echt leuks is te vinden.

Je bent nu offline