De PLNTsprint levert andere armoedebestrijding op

1

Er wordt al decennia lang onderzoek gedaan naar en beleid gemaakt op armoede. Maar verdwijnen doet het nog steeds niet. De vraag dringt zich dan ook op of armoede niet een integraal, vast verschijnsel is in onze samenleving. En daaraan gekoppeld dan die andere: moet je je wel richten op het individu? Een defaitistische houding, zullen sommigen denken. Alsof er niets aan te doen is. De jonge mensen die zich in PLNT vierentwintig uur lang bezig hielden met mogelijke oplossingen voor delen van het armoedevraagstuk, hadden dat beeld – en die opdracht – in elk geval niet. Zij leverden zaterdag zes ideeën aan; het een verder uitgewerkt dan het ander.

Werk-broedplaats
PLNT – je spreekt het uit als ‘plant’ – is het best te vergelijken met een broedplaats, een plek waar kennis en praktijk elkaar ontmoeten, waar innovatie soms wel en soms niet tot een succesvolle onderneming leidt, een plek ook waar diverse disciplines samen komen. De naam is overigens meer dan ‘een hip woordgrapje’. PLNT staat voor groei, zoals de plant doet, én voor de Engelstalige betekenis van het woord: fabriek, werkplaats. Ideeën moeten er tot ontwikkeling, tot wasdom komen en gerealiseerd worden. De niet bepaald spectaculaire gevel tegenover het Leidse politiebureau aan de Langegracht gaat dat ook uitstralen: het dak wordt ‘vergroend’ met onder meer planten die zich naar beneden laten zakken.

Schakelpunt
PLNT staat op de plek waar samenleving(svraagstukken), HBO en WO elkaar ontmoeten, met als doel bedrijfsinitiatieven te stimuleren en ondersteunen. Eén van de vormen is de ‘sprint’: in een snelkookpan van vierentwintig uur een (eerste aanzet tot) een businessplan maken. Die sprints – met iedere keer andere thema’s – vinden zo’n zes keer per jaar plaats en zijn toegankelijk voor iedereen, met een goed idee of de intentie mee te willen denken.

Kinderarmoede
De sprint die vrijdag om 17.00 uur begon en om 17.45 uur eindigde met een juryrapport, had als thema een aantal dimensies van armoede voor kinderen en de vraag welke interventies zouden kunnen helpen. Zes teams bogen zich over die deelaspecten om hun resultaten te presenteren aan de jury: wethouder Van Delft (Werk, Inkomen, Economie & Cultuur) en directeur DZB, de heer Van Dalen. Zij hadden de taak een winnaar aan te wijzen.

Verhalen
Uiteraard hebben alle zes de ideeën wel iets. Uiteindelijk winnaar Poverty Proof richt zich op taalachterstand en doet dat heel slim. Biedt jonge kinderen, in de leeftijd 2-6 jaar, verhalen aan, maar voorzie die verhalen van gaten. Die moeten de kinderen al lerende zelf invullen. Ter verdediging van de niet-winnaars mag gelden dat de jury meewoog dat Poverty Proof “verder ontwikkeld was en completere antwoorden kon geven”. Poverty Proof is dan ook een project waaraan al iets langer dan alleen deze sprint wordt gewerkt.

Sparen
Er waren meer sterke ideeën. Green Linings is er ook zo een, waarvan Van Delft na afloop zei dat dat “een potentieel sterke is met interessante kantjes”. De kracht van Green Linings – een project om jonge dropouts aan het werk te krijgen – is niet de aandacht voor zowel werkgever als jongere, maar de korte termijn verleiding door middel van incentives, (positieve) prikkels en lange termijn doelen: Green Linings neemt 10% van het salaris en spaart dat voor de jongere en diens zelf geformuleerde doelen. Van Dalen was in elk geval gecharmeerd.

Humor
PLNTdirecteur Louwaars had al gezegd dat is gewerkt “vanuit de design(er)benadering”. Design thinking stelt de eindgebruiker centraal. Dat was in een aantal gevallen goed te herkennen. De Anti Bully Battle Royale bij voorbeeld geeft kinderen de mogelijkheid, in de vorm van een hackaton, de beste interventies te benoemen tegen pesten. Humor speelt daarin een belangrijke rol.

Sociaal experiment
Het is dé vraag die iedere jury je zal stellen als je een idee te berde brengt dat
een bedrijf zou moeten kunnen worden: hoe ga je geld verdienen? Samen met de call to action – waar vind je de gebruiker en hoe krijg je die in beweging – is dat voor een aantal ideeën een heikel punt. Detox is er zo een. Een heel actueel probleem: de invloed van social media op je dagelijks leven. Detox wil je duidelijk maken of en hoe ernstig je verslingerd bent aan social media en hoe die je beïnvloeden. Daarvoor word een spel ontwikkeld waarin social media je afleiden van uitvoeren van een taak. “Een sociaal experiment” noemen de bedenkers het zelf. Relevent, zoveel is zeker.

Chatbot
Ook interessant zijn de twee aanvliegroutes die de organisatie centraal stellen. Fun(d)-Play-Connect wil de toegang tot gesubsidieerde vormen van sport vergemakkelijken. Een beslisboom in de vorm van een chatbot helpt daarbij. Die kan alleen maar adviseren uit sporten waarvoor subsidie beschikbaar is (en die betaald hebben? JvdS) waardoor het makkelijker wordt een sport te kiezen. Overigens is ook hier het spelelement terug te vinden; nu in de vorm van het bepalen wat voor sportmanprofiel je hebt. Een lastig te beoordelen idee omdat het vooral leek te zijn geënt op de chatbot en een aantal veronderstellingen.

Label
Spectrum richt zich nóg meer op de organisatie. Het moet een label worden voor het meer of minder inclusief zijn van een (basis)school. Het is ook het idee waar het best te zien is hoe de snelheid van een sprint niet altijd voordelig is. Net teveel onderdelen waren nog niet uitgedacht en -gewerkt. Spectrum wil op basis van onderzoek scholen een A-, B- of C-keurmerk toekennen dat aangeeft hoe goed wordt omgegaan met uitsluiting. Dat onderzoek moet gebeuren op een reeks van dimensies “het hoeft niet eens pesten te zijn; je kan je ook buitengesloten vóelen. (…) het is ook de omgang met verschil en verschillend-zíjn”.

Ervaring
Het zijn dergelijke waarnemingen die sprints als deze interessant maken, zeker ook voor de beroepsdomeinen. Die ‘kleine’, soms haast vanzelfsprekende vaststellingen die het denken weer aan de gang helpen op plaatsen waar het vast leek te zijn gelopen. De studenten die meedoen mogen dan wel in principe redeneren naar de oprichting van een eigen bedrijf; ze zitten er nu vierentwintig uur geheel belangeloos. Venue manager Velis van PLNT had het al gezegd “ervaring opdoen met échte opdrachten in een multidisciplinair team”, onder andere dat zou de beloning zijn. Geen studiepunten, geheel vrijwillig. Rechtenstudent Sofia de Jong is bij voorbeeld terecht gekomen bij de jongens van de chatbot. Geheel toevallig – “ik was hier nog nooit binnen geweest (…) een docent wees me er op” – en ondanks de meer IT-insteek van hen, heeft ze het idee wel degelijk iets te hebben bijgedragen aan hun project.

Eye openers
PLNT organiseert jaarlijks meer sprints. De genoemde zes zijn een richtgetal; het kunnen er best meer worden. Soms vallen die heel toevallig samen met discussies in de samenleving, zoals deze sprint samenviel met de discussie over armoedebeleid in de Leidse gemeenteraad. De thema’s zullen uiteenlopend zijn, van de ruimte tot de inzet van technologie in de rechtspraktijk. Zeker dat laatste lijkt een onderwerp dat weer aanhaakt bij een discussie. Wie de media-verslagen van de laatste jaren over kosten van de IT bij de rechtbanken in herinnering neemt, hoopt mogelijk op een sprint die kleinere, realistischer stappen voorstelt. Maar vooral ook een die ogen-openers oplevert.

Delen

1 reactie

Over de auteur

Jan van der Sluis

Schraapt het liefst aan de oppervlakte in de verwachting dat daaronder iets echt leuks is te vinden.

Je bent nu offline