Eerste ronde audities Leids Cabaretfestival maakt weinig los

Disclaimer vooraf: een recensie, van wie dan ook, is altijd een persoonlijke indruk. Waar iedere recensent, hopelijk, naar eer en geweten zijn of haar indruk over een boek, een tentoonstelling, een film, een theatervoorstelling probeert weer te geven, blijft het razend lastig of die indruk overeenkomt met die van al die andere lezers, kijkers en luisteraars. Dat gold ook afgelopen zondag bij de eerste ronde audities voor het Leids Cabaretfestival in februari. Een goede graadmeter is vaak de reactie van het publiek. En eerlijk is eerlijk; die was lauw bij de meeste audities. Naar onze mening – we waren met z’n drieën – stak Thjum Arts met kop en schouders boven de rest uit. Het daverend applaus na zijn optreden leek dat te bevestigen. Máár: we zagen de laatste twee kandidaten niet vanwege verplichtingen in de keuken, we weten nog niet hoe de kandidaten volgende week zijn, en we hebben geen idee hoe de jury oordeelt – mogelijk heel anders dan het publiek. Kortom, een indruk.

Kardol
Nog meer dan andere podiumdieren moeten cabaretiers óver het spreekwoordelijk voetlicht reiken en in contact komen met hun publiek. Tegenwoordig noemen we dat een click. Die ontstaat eigenlijk zelden zonder dat de cabaretier een handreiking doet óver dat voetlicht en zijn of haar publiek direct aanspreekt. En inderdaad, dan ontstaat meteen dat ongemakkelijke gevoel op de eerste rij of verder de zaal in ‘als-i mij maar niets vraagt’. Zondagmiddag bleek die vaardigheid een redelijke voorspeller. Spreekstalmeester Martijn Kardol won in 2016, heeft ervaring en reikte met gemak tot vér in het publiek. Zijn voordeel is dat een aanstekelijke lach haast alles wat hij zegt, ondersteunt. En niets is echt bedreigend, zelfs de zelf gegraven kuil “de kandidaten zijn nerveus, want hun voorstelling is nog niet af, net als dit festival (dat sinds 1978 bestaat, red)” wordt snel opgevuld met een “dit was de cursus Hoe zorg ik ervoor nooit meer te worden gevraagd”. Die blijft dus wel.

Groen
Voor eigenlijk de meeste anderen, de kandidaten, was het publiek echter niet direct iets om mee te spelen. Marieke Groen had de ondankbare plaats nummer één, de aftrap. Direct na Kardol die lachers op zijn hand had gekregen met de vaststelling “ik ziet toch iedere keer weer dezelfde gezichten. Die meneer.. Henk heet je? … is al hoe vaak geweest? Vijf of zes keer? Zie je wel” en door de verwachtingen te managen “dat licht ziet er houtje-touwtje uit…. en dat ís het ook”. Ga er maar aan staan. Groen wisselde rappe observaties af met enigszins gedateerde. In het ‘nu’ leven als morgen morgen nu wordt, betekent toch dat je ook moet stilstaan bij morgen? En dat in hoog tempo. Met als rode draad ‘maar ik heb het echt allemaal zelf meegemaakt’ wordt het lastig die draad vast te pakken. Een deel van de clou bleek te zitten in wat haar was verteld: “je kan heel erg óm jou lachen’. Het bleek hoog gegrepen; het publiek meenemen in het omdenken naar haar manier van denken en leven als vermaak voor ons.

De Vriendendienst
Het duo De Vriendendienst leek het een goed idee het publiek te overrompelen. Een hoogstemmige juffrouw Jacqueline zette het publiek op het been van ‘stemmetjes-cabaret’. Dat bleek het verkeerde been, want juf Jacqueline van 3B had “een meningsverschil met het bestuur over wie zij was, niet met jullie”, waarna de stem onmiddellijk naar overdreven mannelijk rauw schoot. Dat was ‘m. De Vriendendienst baseerde de voorstelling wel erg op jeugdervaringen als ADHD “Ritalin verandert kinderen in Maarten van Rossem” en leven in Zoetermeer. Daartussen piepten echter wel degelijk mooie aanzetten. Zoals een jongensruzie waarin de ielste van de klas “met een rose broek en een kuifje” de moedigste blijkt. En zeker ook de zang. Waarschijnlijk was het een zingende sigaret, die zong “het café is vol met dromen”, “je armen voor je borst in de as van je bestaan”en “als je eenzaam bent, maak ik je blij”. Gewoon puik.

Moens
Arno Moens komt uit Antwerpen. Dat lijkt een voordeel, vanwege het veel sappiger Vlaams. Ondanks zijn imitatie van hersenkronkels bleek ook dit niet de meest dynamische voorstelling. Daarentegen had ook hij leuke nadenkers. Misschien niet baanbrekend, maar toch: “is wat anderen over u denken minder waar dan u zelf denkt?”. Yoga komt er niet helemaal goed van af “zweverige mensen zijn nergens goed voor”. Moens heeft in de voorstelling en enorm slaapgebrek. Zijn hersenen fluisteren hem dit gedrag en deze ideeën in. Maar ook flauwe “in België zegt men ‘met spijt koopt ge niets'” en dan inderdaad de test of hij €47,93 met spijt kan betalen. Nee dus. “Spijtig”.

Arts
Die hersens van Moens draaien ook om de vraag hoe autonoom en uniek we zijn. Thjum Arts doet dat ook, maar nadrukkelijker. Hij begint met een sprookje over ‘de volledig autonome prins’, die als gevolg daarvan initiatiefloos blijft bij het redden van de prinses “want (de hulp) moet uit mezelf komen”. Het doet niets, gaat verder en “ze leefden nog lang”. Arts strooit de grappen grif uit. “Verander de wereld en begin met de ander. Met mezelf heb ik geen probleem”. Een echte open deur? Arts is begonnen als student politicologie, maar geëindigd als sociaal werker “leren praten en luisteren.(…) in een wereld waarin niet wordt geluisterd, wordt dat betaald”. Die keren heel mooi terug aan het eind van zijn auditie als hij, scherp, Baudets zegetoespraak analyseert als sociaal werker. Wat bedoelt hij nu echt te zeggen? Al eerder heeft hij de grond rijp gemaakt door aan te geven hoe hij als sociaal werker op een ingenieuze wijze omgaat met leerlingen. Dat Arts een daverend applaus kreeg, verbaast niet.

Bart%Maarten
Bart&Maarten zijn helemaal geen duo; er is ook pianist Stefan. Samen zetten ze een degelijke voorstelling neer. Opvallend is misschien wel vooral de zang. Het openingsnummer ‘Het jaar van de man’ klinkt haast klassiek in zijn tweestemmigheid. Maar zeker ook nummers als Gentlemen en Boys zijn erg goed, met soms meer dan cabareteske allure. Ook hier weer die steeds vaker terugkerende vraag naar identiteit, hier opgebouwd rond onzekerheid die mannen zou tergen. Een “unisex zomerjasje” is daarvan een icoon als pa ten overstaan van iedereen zegt dat hij “een beetje een homojasje” vindt. Dat mannen na tien bier (als) vrouwen worden en het fanschap voor Johan Derksen passen er mooi bij. Voor wie verwachtte dat ‘het jaar van de man’ zou ontaarden in een pleidooi voor sterke, mannelijke identiteit; Bart&Maarten denken daar nét anders over “ik ben een man. Nee, ik ben een broeder. (en met twee opgestoken vuisten, waarvan er één zakt) Die kracht zit ‘m niet in een opgestoken vuist”.

Hendriks
Vrouwen zijn deze zondagmiddag in de minderheid. Over menstruatieperikelen horen we weinig. Tot Jaimy Hendriks op komt en maar meteen meldt dat ze al vier maanden vloeit want ze kan geen maandverband kopen. En dat kan ze niet, omdat alles genderneutraal moet zijn en het vrouwenteken niet meer op de pakjes staat. Volgens Hendriks is Guus Meeuwis zelfs en van de voorvechters want in één van zijn hits zingt hij ‘op de grond kelren van jou of van mij’…. “dat heb ik nou nooit, dat ik niet weet van wie die trui is”. Voor Hendriks zit de uitdaging grotendeels in het aan elkaar breien van haar anekdotes. De oplossing briefjes met thema’s tevoorschijn te toveren, werkt maar deels. En sommige verhalen vallen ook in dorre aarde. Maar dat merkt ze gelukkig zelf snel. Opvallend detail? Dat ook bij Hendriks Baudet een rol krijgt. Eigenlijk best wel sterk is dat ze begint met een inhoudelijke reactie, op vrouwen die FvD stemmen, en dan heel snel overschakelt naar het door Baudet zelf gecreëerde beeld van sexbom “voor een verhaal hoef je het niet te doen, maar ook zonder geluid is het geil om te zien”. Ongetwijfeld de dodelijkste opmerking van de middag.

Zondag 19
Het is zeker de moeite waard de tweede ronde audities te gaan kijken. Volgende week zondag van 13.00-18.00 uur zijn er weer (zeven) zenuwachtige auditanten. Mogelijk dat juist die middag de meeste voorronders oplevert, of niet. Eén ding is wel zo, en Kardol wees er op: deze audities zijn dan wel gratis toegankelijk, maar gratis is relatief en een drankje of hapje kopen is voor iedereen een mooie bijdrage.

Deze diashow vereist JavaScript.

Delen

Reageren is niet (meer) mogelijk.

Over de auteur

Jan van der Sluis

Schraapt het liefst aan de oppervlakte in de verwachting dat daaronder iets echt leuks is te vinden. Het sociaal en cultureel domein en de thema's (burger)participatie en innovatie boeien hem het meest.

Je bent nu offline