De Leidse ingenieur Jaap van Meijgaarden (links) was als ambtenaar bij de provincie nauw betrokken bij de besluitvorming rond de aanleg van de RGL. Hij roept Asje van Dijk nu op om alsnog te stoppen met het in zijn ogen 'onzinnige prestigeproject'. (Archieffoto: Chris de Waard).

Beste Asje: "RGL onzinnig prestigeproject"

De Leidse ingenieur Jaap van Meijgaarden roept gedeputeerde Van Dijk in een ‘Beste Asje brief’ op om terug te komen op het provinciale besluit om de RijnGouweLijn aan te leggen. Als voormalig hoofd van de afdeling Infrastructuur en plv. directeur van de toenmalige Dienst Economie en Vervoer van de provincie Zuid-Holland was Van Meijgaarden nauw betrokken bij de besluitvorming over de RijnGouweLijn. De verkiezing van een nieuwe gemeenteraad in Leiden biedt de provincie volgens hem een uitgelezen mogelijkheid om dit ‘onzinnige bestuurlijke prestigeproject’ te beëindigen.

In zijn brief aan Asje van Dijk schrijft Van Meijgaarden onder meer dat de keuze van Van Dijk’s voorganger Marnix Norder om de RijnGouweLijn aan te gaan leggen niet was gestoeld op ambtelijke adviezen om een vervoersprobleem aan te pakken, maar geboren werd uit bestuurlijke nood. “Het toenmalige college had in zijn programma opgenomen dat één gulden investeren in de wegen gepaard diende te gaan met één gulden investeren in het openbaar vervoer.”

Omdat Norder geen bestemming had voor zoveel OV-geld had hij een bestuurlijk probleem, zo schrijft Van Meijgaarden: “Immers, waar kon hij dan wel een aanzienlijk bedrag in openbaar vervoer investeren? Tot onze verbazing kwam hij met het voorstel om de RijnGouweLijn te gaan ontwikkelen en daarbij te beginnen met het vervoerskundig minst interessante deel: de oosttak tussen Gouda en Leiden omdat die het snelst in uitvoering zou kunnen worden genomen. Zijn keuze daarvoor was ook ingegeven door de wens van toenmalig minister van V&W Tineke Netelenbos om experimenten met lightrail te ontwikkelen. Daarvoor had zij aanzienlijke subsidie beschikbaar.”

Volgens Van Meijgaarden schoof Norder destijds alle bezwaren van zijn ambtenaren aan de kant en ging gewoon verder met zijn plan voor een lightrail tussen Gouda en Leiden. Zijn ambtelijke staf kwalificeerde dat destijds als een ‘hoogwaardige ov-voorziening in een laagwaardige verkeersrelatie’ en zette tevergeefs in op verdubbeling van de treinfrequentie tussen Leiden en Utrecht en/of de Stedenbaan.

“Ik geef je in overweging nog eens goed naar de vervoerskundige en economische onderbouwing te kijken. Voor de RGL-oost moeten nog nieuwe stationslocaties worden ontwikkeld, deels ten koste van het Groene Hart, om daarmee extra vervoerpotentieel te creëren. Door de economische crisis en de ingestorte vraag naar nieuwbouwwoningen en kantoren zullen die niet, of pas heel laat tot stand komen.”

Van Meijgaarden gaat er van uit dat de RGL-Oost niet te exploiteren zal zijn: “Uitgegaan wordt van een frequentie van 8 maal per uur in beide richtingen. Denk je echt dat er ook maar één vervoermaatschappij is die het aandurft op een lijn met zo weinig vervoerpotentie zo’n frequentie te gaan rijden en daarbij de verwachting heeft daar niet financieel aan onderdoor te gaan? Laat dat eens echt objectief onderzoeken. Laat je ook nog eens goed adviseren over de economische consequenties. Het economisch onderzoek van Ecorys, waarop de keuze om het tracé over de Hooigracht te accepteren is gebaseerd, bevat alleen stellingen en geen enkele bewijsvoering en moet wetenschappelijk gezien direct naar de prullenmand worden verwezen.”

“Natuurlijk begrijp ik je vrees voor gezichtsverlies door de provincie als je alsnog zou besluiten dit project te stoppen, maar ik ben ervan overtuigd dat politieke moed om een onzinnig prestigeproject te beëindigen uiteindelijk meer waardering van kiezers zal oproepen. De moed om die keuze te maken wens ik je toe.”

Leiden Regio Collegeonderhandelingen 2010


Studio
Middelstegracht 87A
2312 TT Leiden

E-mail
redactie@sleutelstad.nl

Telefoon Redactie
071 - 5235907

×