Open (voor bewegende kunst) had zondag 25 september een te grote broek aangetrokken en verwachtingen gewekt die slechts zeer ten delen werden waargemaakt. (Foto's: J.P. Kranenburg)

'Open voor bewegende kunst' beroert te weinig

De kunst van aankondigen is de verwachtingen te prikkelen maar niet zó heftig dat ze te hooggespannen raken. Hooggespannen verwachtingen zijn enorm lastig in te lossen. ‘Open voor bewegende kunst’ schiep té hoog gespannen verwachtingen in de aankondigingen en kon die slechts zeer ten dele waarmaken. De enige die overeind bleef – en dan ook overtuigend – was Roest van Levend Lijf (Danny Molenaar en Esther van Leeuwen). De andere onderdelen van ‘Open voor bewegende kunst’ voldeden niet aan de verwachtingen.

3D tekening
Cru gesteld: het werk werd straal genegeerd door voorbijkomend publiek. Dat lijkt zondagmiddag het lot voor de driedimensionale tekening die Timit heeft gemaakt op het Stationsplein. De plek heeft ook geen aantrekkingskracht: aan een uithoek van het plein, gemarkeerd door drie iele vlaggen en een fotolijstje op statief. De 3D-tekening van een tor is vakkundig gemaakt, maar als er niet naar wordt gekeken was dat alles voor niets. Een vader met twee zoontjes staat er dertig seconden te kijken, maakt snel een kiekje door het lijstje en gaat verder “niet óver die tekening! Die is met krijt gemaakt. Dat kan er niet tegen als je er overheen skate”.

Mobile
Bewegingloosheid heeft weinig aantrekkingskracht. Waar mensen wel op reageren, is beweging. Die moet wel ook fascineren. Dat element ontbrak bij de mobile die was te zien op de Beestenmarkt. Ook daar dan ook vrij weinig aandacht van publiek. Een grote halve bol – een “dome” volgens de bouwers – vormde het staketsel waaraan en waarbinnen een mobile was opgehangen, een gróte mobile “een DOME vol prachtige hangende objecten waarbij we gaan spelen met balans, zwaartekracht en gewicht”. Daar droegen de – bedoelde?! – verwijzingen naar De Stijl niet aan bij: primaire kleuren en geometrische houten hangers in de mobile. Net als de 3D tor een object dat niet veel meer opriep dan “een grote mobile”.

Terra’s camouflage
Bewegingstheater en mime zijn moeilijke kunstvormen. Zonder woorden informatie overbrengen is en blijft lastig; vooral omdat beelden vaak voor meerdere uitleg vatbaar zijn. Soms is het de vraag óf je een verhaal moet zien en is de beweging op zich al voldoende. In het geval van Terra die optraden bij de Visfontein was het vooral het kostuum dat aandacht trok: camouflage in de vorm van boomschors. Ook hier echter weinig kleefkracht; de aandacht van de meeste toeschouwers bedroeg niet meer dan een minuut of twee. Wat opviel, is dat de voorstelling wel fotografen aansprak. Inderdaad waren sommige poses zeer fotogeniek door de kostuums: twee om elkaar heen draaiende, elkaar verkennende stukken boomschors, jonge bomen of takken.

Levend Lijf
Op het Pieterskerkplein liet Levend Lijf zien hoe het ook kan en hoe moeilijk het communiceren zonder woorden ís. “Wat zag je er zelf in?” antwoordt Molenaar op de vraag wat nu eigenlijk ‘het verhaal’ was, áls er een verhaal was verteld. Dat verhaal is er wel degelijk, zij het verpakt in fragmentarische beeldboodschappen. “Je kunt er een relatie in zien. (…) Van twee mensen die elkaar al zo lang samen zijn dat de ander een vanzelfsprekendheid is geworden. (…) waarin de liefde van karakter verandert, maar niet verdwijnt”. Het is echter vooral de beweging die boeit. Alles loopt soepel en continue in elkaar over, terwijl ‘het huis’ – een stalen frame – mee beweegt en naast symbool ook praktisch nut heeft als gymnastisch toestel. Levend Lijf trok dan ook veel toeschouwers “maar de voorstelling van 15.00 uur is meteen ook de laatste publieke van Roest. Het openlucht festivalseizoen zit er op”.

Ketel Haezer
Elders op het Pieterskerkplein speelt, níet in het kader van ‘Open voor bewegende kunst’, Ketel Haezer Schoon Schaap, óók zonder publiekssucces. De voorstelling eist zoveel van de toeschouwer dat die afhaakt. “Performance theater, of zo?!” vraagt iemand zich af. Het is de vraag of we bij Ketel Haezer niet letterlijk naar een geluidslandschap hebben gekeken. Een landschap waarin wel stekeligheden zaten verborgen, zoals of we onszelf niet teveel als (makke) schapen gedragen en vooral laten leiden. Zo ja, dan zal Ketel Haezer zich ook moeten realiseren dat een boodschap die niet beklijft z’n doel voorbij schoot. En een “o ja, we zagen ook die voorstelling over schapen of zo” doet dan het ergste vermoeden.

Cultuur Leiden Nieuws Reportage


Studio
Middelstegracht 87A
2312 TT Leiden

E-mail
redactie@sleutelstad.nl

Telefoon Redactie
071 - 5235907

×