(Foto's: Emile van Aelst).

Vermoorde kinderen Joods Weeshuis herdacht: 'Belangrijk dat de huidige generatie het doorgeeft'

79 jaar geleden omsingelden Duitse soldaten het Joodse Weeshuis op de Roodenburgerstraat. Alle kinderen en medewerkers werden gedeporteerd. Slechts vier van hen overleefden de oorlog. Donderdag werden de slachtoffers herdacht.

In zijn openingstoespraak vertelt Jan-Jaap de Haan (vice-voorzitter Historische Vereniging Oud-Leiden) dat het weeshuis op de Roodenburgerstraat, nu een gezondheidscentrum, een week van tevoren al een waarschuwing kreeg. Verschillende kinderen kregen de mogelijkheid om weg te gaan, maar bleven toch. Hun broertjes en zusjes wilden ze niet alleen achterlaten. Om klaar te zijn voor vertrek liet de directeur de zonneschermen vermaken tot rugzakjes. Gevuld stonden ze klaar, wachtend op wat er komen ging.

Iedereen was er van overtuigd dat het goed zou komen, vertelt De Haan. Zolang ze maar bij elkaar bleven, zouden ze het werkkamp dat ze verwachtten aan te treffen wel overleven. Het eerste lukte, ze blijven grotendeels bij elkaar. Maar na Westerbork volgde er geen werkkamp, maar concentratiekampen. Van de in totaal vijftig kinderen en negen medewerkers overleefden slecht vier de oorlog.

Gedichten
De achtstegroepers van de St. Josephschool in Leiden verdiepten zich de afgelopen tijd in de kinderen van het weeshuis. De Haan legt uit waarom: “Deze kinderen hadden bij jullie op school kunnen zitten, met jullie kunnen spelen. Ze hadden nu oude opa’s en oma’s kunnen zijn, als ze op jullie leeftijd niet waren weggevoerd.”

Het harde werk op school resulteerde in zelfgeschreven gedichten, die de scholieren tijdens de herdenking om de beurt voorlezen. De twaalfjarige Gijs vat de zinloosheid van oorlog aan het einde van zijn gedicht in twee zinnen samen: “Oorlog is maar raar. Ik snap niet waarom het nog nodig is. Alsof het één veel beter dan het ander is.”

Steentjes
De gedichten worden afgewisseld met het oplezen van de namen en leeftijden van alle gedeporteerde kinderen en medewerkers. Naar Joods gebruik leggen de kinderen voor elk slachtoffer een witte steen neer. Het idee erachter is dat stenen, anders dan bijvoorbeeld bloemen, niet vergaan.

De steentjes stapelen ze op de stenen koffer voor het weeshuis. Het is één van de zes in Leiden, vertelt Dirk Kolff, aanwezig bij de herdenking en toentertijd betrokken bij de totstandkoming van het koffermonument. Ze zijn alle zes gemaakt van een andere steensoort, als symbool van de wereldwijde verspreiding van Joden. De koffer staat, in de woorden Kolff, symbool voor het hele hebben en houwen van de Joden die werden weggevoerd en alles van de een op de andere dag moesten achterlaten.

Overnemen
Ook Liesbeth Hesselink was betrokken bij het monument. De herdenking ontroert haar, vertelt ze. “Zeker het voorlezen van die namen, met de leeftijden erbij… Dat brengt het tot leven. Ik vind het belangrijk en mooi om te zien dat de kinderen het herdenken overnemen om het zelf ook weer door te geven.”

De herdenking is een gezamenlijk initiatief van de Historische Vereniging Oud Leiden, de Stichting Herdenking Jodenvervolging Leiden, de stichting Dodenherdenking Leiden en de St. Josephschool. Het verhaal van de kinderen van het Joodse Weeshuis is opgetekend door Jaap Focke in het boek ‘Machseh Lajesoumim. A Jewish Orphanage in the City of Leiden, 1890-1943′. De voorgelezen gedichten zijn binnenkort te lezen op https://www.herdenkingleiden.nl/.

Advertentie

Leiden Maatschappij Reportage


Studio
Middelstegracht 87A
2312 TT Leiden

E-mail
redactie@sleutelstad.nl

Telefoon Redactie
071 - 5235907

×