Laura krijt de leus op de Haarlemmerstraat. (Foto's: Marlies de Baare).

Straatintimidatie in Leiden moet steviger worden aangepakt

‘Hé, kijk eens hoe geil zij is!’ Het is maar een voorbeeld van de kreten die Laura Voosten (21) op verschillende plekken in Leiden op de stoep krijt. Ze verzamelt via het instagramaccount Catcalls of Leiden vervelende ervaringen van Leidenaren op straat. Vervolgens gaat ze naar de locatie van het voorval en schrijft ze de opmerkingen op straat. “Ik doe dit, omdat ik wil dat straatintimidatie ook in Leiden wordt erkend.”

Door: Romee van der Heijden, Marianne Boer, Denise van der Bij en Marlies de Baare

Laura’s acties vallen op. Vaak zijn voorbijgangers geïnteresseerd en vragen ze wat ze aan het doen is. Maar ze krijgt ook wel eens negatieve opmerkingen. “Door die reacties voelt het soms alsof ik overdrijf, alsof het probleem niet zo groot is. Maar dan bedenk ik dat ik het daarom doe. Om te laten zien dat dit wél vervelend is.”

Straatintimidatie is een parapluterm om een omvangrijk probleem te omschrijven, zegt criminoloog en bijzonder hoogleraar gender-gerelateerd geweld aan de Universiteit van Amsterdam Renée Römkens: “Namelijk dat vrouwen en mensen uit minderheidsgroepen geïntimideerd worden op straat.”

Onder straatintimidatie vallen onder andere kwetsende en respectloze opmerkingen, dreigende lichaamstaal en iemand achtervolgen. Volgens Römkens zien veel mensen in Nederland straatintimidatie nog niet als een probleem. “Ik vrees dat wij het zien als iets dat er gewoon bij hoort, ook al is het misschien onaangenaam.”

Onveilig gevoel
Dat straatintimidatie vervelend is, beamen Maureen Hoffman (21) en Sanne van Dijk (22). Beide studentes wonen op kamers in Leiden en hebben regelmatig te maken met straatintimidatie. “Als ik ergens overdag naartoe ga word ik nageroepen door mensen op straat, of gaat iemand opeens zachtjes naast mij rijden in een auto,” zegt Maureen. Ook Sanne heeft zulke ervaringen. “Vooral in de zomer kon ik soms niet meer op een hand tellen hoe vaak ik op een dag werd nageroepen. Ik voel me daardoor ook gelijk minder veilig op straat.”

Artikel gaat verder onder de foto

Zulke incidenten hebben veel invloed op het dagelijks leven van de twee vrouwen. Maureen: “Toen het zo vaak gebeurde ging ik erg letten op welke kleding ik droeg. Ik wilde eigenlijk geen rokje meer aantrekken.” Sanne vertelt: “Het voelt ook respectloos. Dat iemand denkt dat hij zomaar dingen naar mij kan roepen die ik heel vervelend vind om te horen.” Beiden letten ze onbewust meer op als ze de straat op gaan. “Je bent constant op je hoede,” vertelt Maureen.

Dat alerte, onveilige gevoel herkennen meer vrouwen in Leiden. Onder leiding van Tiny Klever zijn de Rooie Vrouwen (PvdA) de afgelopen tijd de straat op gegaan om te vragen hoe veilig vrouwen zich voelen in Leiden. Ze spraken uiteindelijk 57 vrouwen op verschillende locaties zoals het Centraal Station en de markt.

Hoewel de meeste vrouwen aangeven dat ze zich overdag overal wel veilig voelen, geven veel vrouwen aan dat ze ‘s avonds meer op hun hoede zijn, alleen samen naar buiten gaan, of zelfs helemaal binnen blijven. Zo vertelt een vrouw (21) op de woensdagmarkt: “Als een man ‘s avonds op mij afstapt om de weg te vragen schrik ik meteen, omdat ik toch altijd rekening houd met dat er iets gaat gebeuren.”

Blije stad
Al eerder zijn er initiatieven genomen om straatintimidatie onder de aandacht te brengen in Leiden. VVD-gemeenteraadslid Tom Leest stelde in februari 2020 schriftelijke vragen aan het College van burgemeester en wethouders over de aanpak van straatintimidatie. De partij wil graag dat het probleem meer aandacht krijgt in de gemeente. Leest: “De gemeenteraad neemt veiligheid serieus, maar ik heb wel het idee dat mensen Leiden in het algemeen graag zien als een fijne, blije stad waar nooit iets gebeurt.”

Leest noemt de reactie die hij op zijn vragen kreeg dan ook ‘een paar standaard antwoorden’. In de beantwoording gebruikte de gemeente naast interne bronnen ook de Veiligheidsmonitor voor cijfers. Deze tweejaarlijkse enquête toonde in maart 2020 aan dat 11,7 procent van de 2.500 deelnemers wel eens lastig wordt gevallen op straat. 1,4 procent hiervan ervoer dit in ernstige mate.

Teamchef Henk van der Veek van de Leidse politie stelt op basis van de Veiligheidsmonitor vast dat de omvang van straatintimidatie niet afwijkend is van andere steden, maar cijfers over het aantal meldingen of boetes zijn niet beschikbaar. De politie registreert straatintimidatie niet apart in het systeem, omdat dit erg lastig te waarborgen is. Dat betekent niet dat er niets gedaan kan worden. “In samenwerking met Universiteit Leiden, de gemeente en een stadscriminoloog is er een project en PhD-onderzoek naar de veiligheidsbeleving van inwoners”, aldus Van der Veek.

Juridisch aanpakken
In artikel 2:47 van de Leidse Algemene Plaatselijke Verordening (APV) staat dat hinderlijk gedrag op openbare plaatsen verboden is en beboet kan worden. Hier valt ook straatintimidatie onder. Hoewel dat in andere steden wel het geval is, wordt straatintimidatie in de Leidse APV dus niet expliciet benoemd.

Joni van Leeuwen, coördinator veiligheid voor de gemeente Leiden, zegt dat er te weinig concreet inzicht is om uitspraken te doen over de grootte van het probleem in Leiden. “Maar,” zo zegt ze, “bij geen enkele vorm van criminaliteit heb je helemaal voor ogen wat er aan de hand is. Dat neemt niet weg dat wij als gemeente in de APV genoeg aanknopingspunten hebben om straatintimidatie juridisch aan te pakken.”

Ook politiechef Van der Veek stelt dat het huidige beleid van de gemeente afdoende is. “De inhoud van het Leidse artikel is vergelijkbaar met APV-artikelen van andere gemeenten die specifiek straatintimidatie benoemen. Gemeentelijke handhavers en politie kunnen door deze regels voldoende optreden tegen personen die dergelijk gedrag vertonen.”

Voorlichting en verlichting
Toch voelen verschillende mensen zich in Leiden onveilig op straat. Oplossingen voor het onveilige gevoel zijn volgens de meeste partijen: betere verlichting en betere voorlichting. Hoogleraar Römkens, de LHBTI-belangenvereniging COC Leiden en het Vrouwennetwerk Leiden benadrukken dat voorlichting op middelbare scholen een goede manier zou zijn om straatintimidatie tegen te gaan, omdat het probleem dan preventief kan worden aangepakt.

Artikel gaat verder onder de foto

Daarnaast is goede verlichting belangrijk voor het gevoel van veiligheid op straat. PvdA’er Tiny Klever zegt terwijl ze in haar rode jas op de markt staat: “Verlichting gaat groepsvorming tegen en geeft meer zichtbaarheid. Dat geeft een veiliger gevoel aan vrouwen.” Die vermijden nu, volgens de antwoorden die Klever heeft verzameld, ‘s avonds vaak slecht verlichte locaties zoals het Plantsoen en donkere steegjes.

Niet alleen posters
Ook COC Leiden en het Vrouwennetwerk zien verlichting als een oplossing voor het onveilige gevoel dat mensen op straat kunnen hebben. VVD’er Tom Leest werkt op dit moment nog aan een voorstel om straatintimidatie in Leiden meer op de kaart te zetten.

Terwijl Laura haar stoepkrijt weer opruimt, geeft ook zij haar idee voor een oplossing. “Ik wil vooral dat het probleem meer aandacht krijgt.” Ze vindt dat de gemeente daar ook wat aan moet doen. “En ze moeten dan niet alleen een paar posters ophangen,” zegt ze. “Voorlichting op scholen lijkt mij het beste, zodat er echt begrip ontstaat.”

Dit artikel is onder begeleiding van de redactie van Sleutelstad geschreven door studenten van de masteropleiding Journalistiek en Nieuwe media van de Universiteit Leiden.

Leiden Maatschappij JNM 2021


Studio
Middelstegracht 87A
2312 TT Leiden

E-mail
redactie@sleutelstad.nl

Telefoon Redactie
071 - 5235907

×