Topwaterpolo Leiden stuurt brandbrief over verenigingsruimte aan Leidse raad

2

Het bestuur van de Stichting Topwaterpolo Leiden dringt er in een brandbrief aan de Leidse gemeenteraad op aan om volgende week nog geen besluit te nemen over het al dan niet beschikbaar stellen van een eigen verenigingsruimte aan ZVL-1886 in het nieuwe sportcomplex aan de Vliet. “Wij verzoeken de raad om het onderdeel ‘verenigingsruimte’ in het voorstel terug te zenden naar de commissie, opdat het college in lijn met haar eigen beleidsprogramma dit deel van het voorstel kan herzien.”

Afgelopen donderdag werd bij de commissiebehandeling duidelijk dat een ruimte meerderheid in de Leidse raad het voorstel van sportwethouder Paul Dirkse steunt om ZVL-1886 geen eigen verenigingsruimte te geven waar de grootste zwem- en waterpoloclub van Nederland ook de beschikking zou krijgen voor een eigen horecavoorziening. Pas volgende week donderdag neemt de raad het besluit formeel, maar hoe het zich laat aanzien, wordt het een hamerstuk. Dat betekent dat er niet meer inhoudelijk over gesproken zal worden.

“Het is faliekant onjuist om te verwachten dat een pachter aan een vereniging ten allen tijde ruimte, tijd en betaalbare kosten zal bieden. Een pachter zal een commercieel meest voordelige invulling van tijd en ruimte kiezen,”zo schrijft het bestuur van de Stichting Topwaterpolo Leiden aan de raadsleden. “Daarmee wordt de vereniging in haar eigen verenigingsruimte zonder horeca in haar mogelijkheden sterk beperkt en kan de vereniging haar leden moeilijker bij elkaar brengen. Dat is juist wat een vereniging wil en wat ZVL-1886 zo kenmerkt en sterk maakt: Saamhorigheid. Iets waar het college en D66 op willen scoren, maar wat nu door het college wordt ondermijnd.”

De Stichting Topwaterpolo Leiden memoreert in haar brief nog maar eens dat een van de redenen voor de fusie van LZ1886 en de Zijl tot ZVL-1886 met ruim 1800 leden juist was om de bijdrage van sport aan de samenleving kracht bij te zetten. “Juist door de gemeente Leiden is er op aangedrongen om deze samenwerking aan te gaan, zodat de vereniging sterk zou staan en op eigen benen kon gaan fungeren binnen een nieuw te realiseren zwembad. Immers, het was de gemeente die aangaf ‘geen fusie, geen zwembad’.

Het bestuur van de Stichting Topwaterpolo Leiden wijst er verder op dat een vereniging het naast contributie voor de inkomsten moet hebben van het clubhuis en sponsoren. Dat zijn twee grote inkomstenbronnen en zonder eigen horeca wordt het clubhuis eerder een kostenpost. De stichting Top Waterpolo Leiden vreest ook dat het zonder eigen ruimte lastiger zal worden om sponsoren te ontvangen en in aantal uit te breiden, waardoor belangrijke inkomsten afnemen. “Voor de vereniging is het risico erg groot dat een exploitatie dan wederom niet sluitend gemaakt kan worden”.

De waterpoloërs wijzen er in hun brief ook nog op dat het beleidsprogramma van het college de titel ‘Samen maken we de stad’meekreeg. “Daarin is letterlijk opgenomen dat de gemeente sportverenigingen blijft ondersteunen, vanwege hun grote maatschappelijke waarde. Als daar dan ook nog wordt gesteld dat inwoners een taak kunnen overnemen en dat initiatieven worden toegejuicht, dan is het wel heel zuur om te ontdekken dat, bij de eerste de beste kans dat een vereniging zich sterk maakt voor haar maatschappelijke verantwoordelijkheid, dit in de kiem wordt gesmoord”.

Leidse Sportfederatie adviseerde eigen verenigingsruimte
Niet alleen de Leidse sporters betreuren het voorgenomen besluit van de Leidse gemeenteraad. Eerder adviseerde de Leidse Sport Federatie als officieel adviesorgaan van het college ook al om de wens van ZVL-1886 voor een multifunctionele verenigingsruimte te honoreren. “De LSF acht die wens legitiem. Na de fusie van de zwemverenigingen ontstaat een zodanige sportvereniging in omvang dat de wens voor een verenigingsruimte begrijpelijk is”, schreef de LSF al in december 2017.

Ook eind vorig jaar drong de LSF bij sportwethouder Dirkse aan een ultieme poging om alsnog tot overeenstemming te komen. “Het is spijtig dat over de horeca geen overeenstemming is bereikt. Een vereniging met 1.800 leden rechtvaardigt een ‘eigen identiteit’ voor het verenigingsgevoel. De LSF dringt aan op meer creativiteit om tot een oplossing te komen, bijvoorbeeld door technische investeringen (membershipcard) of door een verenigingsruimte beschikbaar te stellen gedurende een beperkt aantal uren per dag.”

Delen

2 reacties

  1. Marion Ligtvoet

    Als het net zo gaat als bij de muziekvereniging, dan moeten jullie lang wachten, zij moeten altijd uitwijken om een buitenrepetitie te kunnen doen.
    Leidse gemeente wil alles in zijn stad houden maar geven hier weinig of geen mogelijkheden voor.

  2. Dick Barnhoorn

    Ik doe nog even het zwijgen toe, hoe of de gemeente tot heden omgaat met de eigendommen aan sportpark de Vliet van v.v. GHC. Dit moet wel om dat het dossier hier van in handen is bij onze jurist. Maar dat dit hele gedoe van nu al ruim 2.5 jaar reeds gaande is niet de schoonheidsprijs verdiend is op zeker. pffff

Over de auteur

Chris de Waard

Hoofdredacteur en oprichter van deze site en de radiozender Sleutelstad 93.7 FM. Volgt met name de gemeentepolitiek in Leiden en de regio.

Je bent nu offline